Vanaf vandaag verkrijgbaar: De flirtcursus -

Vanaf vandaag verkrijgbaar: De flirtcursus

1 februari 2018

Vanaf vandaag ligt de vrolijkmakende feelgoodroman De flirtcursus van Laura de Koning in de winkel. Ted heeft haar buik vol van de liefde. Ze heeft andere zorgen nu ze er met haar twee dochters alleen voor staat. Vriendin en fitgirl Soraya is járen op zoek naar een leuke man, maar het lijkt alsof ze alleen maar hopeloze types tegenkomt. Dan bedenken ze samen een plan: een flirtcursus voor mannen opzetten.

Afgelopen maandag publiceerde Laura de Koning elke dag een deeltje van ‘de prequel’ op haar Facebook, over wat er gebeurde voorafgaand aan de De flirtcursus. Lees hieronder de gehele prequel achter elkaar.

1.
Sommige dingen moet je niet willen, dacht Ted toen ze het foldertje pakte dat Soraya op tafel had gelegd.
‘Dat kan toch niet gezond zijn,’ zei Ted. Het foldertje stond vol diepblauw gletsjerijs dat haar deed denken aan een verpakking keelpastilles. Alleen de ijsbeer ontbrak.
‘Een ijsbad nemen is juist supergezond. Het is een bijzondere ervaring, en die man is echt geweldig. Zijn theorieën zijn revolutionair. Ik doe al een tijdje de ademhalingsoefeningen, en het werkt echt.’
Ted lachte. ‘Ademhalingsoefeningen doen is wel wat anders dan in je nakie in een wak springen, hè.’
‘Geen wak. Een gletsjermeer. En het is er prachtig, er drijven ijsschotsen in rond.’
Ted stond op om nog een blok hout in de open haard te leggen. Wat een gekkigheid weer. Als Soraya op een idee kwam, dan was het altijd iets extreems.
‘In je lichaam loopt 120.000 kilometer aan bloedvaten. En tegenwoordig heeft ons hart en het vaatstelsel het vaak moeilijk.’ In Soraya’s ogen verscheen een glans. Dit gebeurde altijd als ze bijzonder enthousiast over iets was. ‘Bijvoorbeeld door stress, fastfood en te weinig beweging.’
‘Maar Soraay,’ Ted nestelde zich iets dieper in de zachte kussens van de bank, haar wangen gloeiend van het vuurtje dat in de haard danste. ‘Jij loopt iedere dag tien kilometer hard en je leeft op zaden en kikkererwten, dus jij hebt helemaal geen last van die dingen.’
‘Ik probeer gewoon uit te leggen waarom het zo gezond is om een ijsbad te nemen. Want temperatuur heeft effect op je vatenstelsel. Door de kou vernauwen de vaten zich om de basistemperatuur van het lichaam vast te houden. Je kunt als het ware dus je vatenstelsel trainen en daardoor wordt je hele systeem gezonder en veerkrachtiger.’
Ted nam nog een slokje rode wijn. Ook supergezond voor je vatenstelsel, had ze eens gelezen. En je hoefde er niet zo voor af te zien. Ze legde het foldertje terug op tafel. Wat moest ze hier nou mee? Het leek haar op zich wel leuk om er een paar dagen opuit te trekken met haar beste vriendin, maar om nou uitgerekend in april naar Oostenrijk te gaan?
‘Ik ga alleen als jij met me meegaat,’ zei Soraya.
‘En als we nou gewoon een paar dagen naar zee gaan? Lekker uitwaaien,’ probeerde Ted nog, maar ze wist dat het ᾿m niet ging worden. Soraya had zich als een buldog in haar ijsbad vastgebeten.
‘Het is een leuke camping. Echt. En zeg nou zelf, hoelang geleden heb je Nelson voor het laatst uit de garage hebt gehaald?’
Ted dacht even na. Daar had Soraya wel een punt. Haar lichtgele Volkswagen-busje stond achter in de garage te verstoffen.
‘Dat is al zes jaar geleden. En natuurlijk ga ik met je mee als het zo belangrijk voor je is. Maar hoe moet het dan met de meisjes?’
‘Emile is er toch ook nog? Die kan heus wel een paar dagen alleen voor de kinderen zorgen. Kom op Ted. Alsjeblieft. We maken er een paar heerlijke dagen van.’
Ted dronk de rest van haar glas in één teug leeg. ‘Oké. We gaan.’

2.
Vloekend kwam Ted overeind. Ergens in deze doos moest toch haar skibroek zitten? Als ze werd gedwongen in april naar Oostenrijk te gaan, dan wilde ze in ieder geval iets warms aan kunnen trekken. Haar inloopkast was zo groot als een gemiddelde slaapkamer, maar het leek een onmogelijke opgave om in deze berg tassen en jassen iets terug te vinden. Een chaos die te wijten was aan Teds ontbrekende gevoel voor orde en netheid, zoals Emile het altijd subtiel bracht.
‘Wat ben je aan het doen, mama?’ klonk de stem van Sophie achter haar.
‘Ik ben wat spullen bij elkaar aan het zoeken. Ik ga een paar dagen met Soraya op vakantie.’
‘Waar gaan we heen?’
‘Jullie blijven hier bij papa. Ik ga alleen met Soraya’
Met grote ogen keek Sophie haar aan en Ted besloot dat het inpakken van haar tas ook nog wel later kon. ‘Waar is Emma?’ vroeg ze. Het was opvallend stil in huis en dat was meestal een slecht teken.
‘Die zit beneden te verven. We zijn aan het knutselen.’
Een peuter die zat te verven zonder toezicht. Oh boy. Ted sprong op en liep de trap af. Ze was hooguit tien minuten was boven geweest.
Te lang. Het had Emma voldoende tijd gegeven om de muur van een grote gele bal te voorzien. Vloekend greep ze naar een vaatdoek en trok Emma weg bij de muur.
‘Emma, je mag niet op de muur verven,’ zei ze boos. Emma liet zich krijsend op de grond vallen. Terwijl ze het gegil probeerde te negeren wreef Ted met het doekje steeds harder over het stucwerk, maar de vaalgele vlek werd alleen maar groter. Shit.
‘Wat is hier aan de hand?’
Ted draaide zich om. Emile was thuisgekomen.
‘Hai schat. Wat ben jij vroeg thuis vandaag.’ Dat was niets voor hem. Normaal zag ze hem niet voor kinderbedtijd.
‘Ik ben er een uurtje, ik moet straks weer terug naar kantoor. Bergen werk.’
‘Mama gaat op vakantie met Soraya,’ riep Sophie en ze huppelde naar haar vader toe, die Ted met een vragend gezicht aankeek.
Ted gooide het vaatdoekje op tafel en probeerde Emma van de grond op te pakken, maar die draaide zich huilend van haar af.
‘Op vakantie?’ vroeg Emile.
‘Een paar dagen naar Oostenrijk. Donderdag tot dinsdag. Soraya moet daarheen voor haar werk en heeft gevraagd of ik meega.’
‘Aanstaande donderdag? En hoe doe je dat dan met de kinderen?’
Shit. Ze had het iets tactischer willen verpakken. ‘Nou, ik dacht, misschien kun jij die paar dagen thuis werken.’
Zijn ogen leken bijna uit hun kassen te rollen. ‘Pardon?’
‘Het is echt belangrijk voor Soraya,’ zei ze, maar ze kwam niet boven het gekrijs van haar jongste dochter uit. En ook voor haar zelf. Ze deed de hele dag niets anders dan snotneuzen afvegen, ongelukken voorkomen en tot tien tellen.
Emile draaide zich om en liep naar de hal. Op weg naar zijn werkkamer, wist Ted. Hij liet haar weer mooi met de chaos achter. Ze drukte Emma de iPad in haar handjes en zette de tv aan voor Sophie. Ze moest dit meteen met Emile uitpraten.

3.
Voor de deur van Emile’s werkkamer bleef ze staan. Ze wilde hem zover zien te krijgen dat hij haar zou ondersteunen. Een paar dagen naar Oostenrijk, dat moest toch kunnen? Hij vloog zelf de hele wereld over, eigenlijk was hij er vaker niet dan wel en zij zeurde nooit over de zorg voor de kinderen. Of over het gebrek aan tijd voor zichzelf. Deze paar dagen weg met haar beste vriendin verdiende ze.
Emile zat achterovergeleund in zijn stoel met zijn voeten op het bureau. Deze kamer rook naar hem, naar zijn lichaamsgeur en zijn aftershave. Even bekeek ze hem, hij had haar nog niet opgemerkt. 
Hij belde met iemand. ‘Ja, natuurlijk,’ zei hij. Zijn zijige stem deed haar de oren spitsen: met wie praatte hij? 
‘Volgende week dus. Oké,’ zei hij. 
Ze schraapte haar keel. Toen hij haar zag schoot hij overeind en drukte het gesprek weg.
‘Sorry van daarnet. Ik wilde het eerst met je overleggen,’ begon Ted.
‘Het is in orde, hoor. Ga jij maar lekker met Soraya mee.’ 
Kreeg hij nou een kleur?
‘Oké,’ zei ze langzaam. Dat ging wel heel gemakkelijk. ‘Wie had jij aan de telefoon?’
Hij haalde zijn schouders op. ‘Werk. Ik moest wat dingen regelen voor als jij weg bent, en dat gaat best wel lukken.’
Nog ietwat verbouwereerd liep ze terug naar de woonkamer, waar de meisjes geconcentreerd hun dagelijkse portie digitale media tot zich namen. Dat zat wel goed. Dus ging ze door naar de garage. Daar stond hij. Nelson. Een Volkswagen T1-busje, helemaal omgebouwd tot camper. Met achterin een tweepersoonsbed en een tafeltje met zitjes. Gekocht samen met haar broer toen ze tweeëntwintig was. Ze liep om het busje heen en streek over de lichtgele lak. Hij was wat stoffig, maar verder zag Nelson er nog prima uit. Een halfjaar lang had ze met Tijn door Italië, Frankrijk en Spanje gereisd. Een terwijl haar broertje zich vooral met surfen bezighield, had zij de omgeving verkend. Zo hadden ze allebei hun eigen ding gedaan. Nu ze bij het busje stond kwamen de herinneringen weer bovendrijven: een aaneenschakeling van zwoele zomeravonden met liters rode wijn, mooie Zuid-Europeanen en zand tussen haar tenen. Het leek honderd jaar geleden. 
Ze had kriebels in haar buik. Volgende week zouden ze al vertrekken. Er even tussenuit. Niet als mama of vrouw van, maar gewoon als Ted. En hoewel ze wel een zonnigere bestemming kon bedenken dan Oostenrijk, verheugde ze zich op een paar dagen vrijheid. Ze gingen er een feestje van maken!

4.
De straten waren verlaten toen Ted het centrum in reed om Soraya op te halen. Geen wonder, het was vier uur ’s ochtends. Vanzelfsprekend was het Soraya’s idee geweest om op zo’n onchristelijke tijd naar Oostenrijk te vertrekken, maar Ted had meteen ingestemd. Het was toch wel lekker om vroeg aan te komen.
‘Goedemorgen,’ zei Soraya vrolijk toen ze in het busje sprong. Haar grote bos krullen veerde mee met haar bewegingen. Ze bruiste van de energie.
‘Ssst, zachtjes’ zei Ted. ‘Het is midden in de nacht.’
Verbaasd keek Soraya haar aan. ‘Nou en, niemand hoort me toch?’
Ted lachte en reed richting de snelweg.
‘Tijd voor een kopje koffie,’ zei Soraya en uit haar tas haalde ze een thermoskan. Roze met gele bloemetjes. Dit was echt een overdosis vrolijkheid, dacht Ted.
‘Ik hoop dat thuis alles goed gaat.’
‘Stel je niet zo aan, Ted. Dit is je eerste man- en kindvrije weekend in zes jaar. Emile mag ook wel eens wat doen. Geniet er gewoon van.’
Na de eerste kop koffie voelde Ted zich weer een beetje mens.
‘De camping is heerlijk. Lekker klein en overzichtelijk, maar met een binnenzwembad en een sauna. Helemaal op wellness gericht. Dan heb jij het ook fijn als ik weg ben.’
‘Hoezo weg? Jij hebt toch alleen die wakwandeling gepland staan?’
‘Gletsjermeerzwemmen. Dat is zondag. Maar ik heb vanavond een soort intakegesprek en zaterdag is er een voorbereidende workshop voor de ijsduik.’
Eigenlijk had Ted zich een vriendinnenweekend iets anders voorgesteld. Maar goed, ze zouden er een gezellige tijd van maken. Wellness leek haar wel wat, misschien kon ze een massage boeken of zo’n stoombad met alpenhooi.
Net voorbij de Duitse grens viel Soraya in slaap. Buiten het tevreden ronken van Nelsons motor was het stil. En dat gaf Ted tijd om na te denken over de dingen die ze de afgelopen dagen had geprobeerd te negeren. Emile. Het was vreemd dat hij haar zonder mopperen op reis stuurde. En wie had hij aan de telefoon gehad? Hield hij er een affaire op na? Glimlachend schudde ze haar hoofd. Wat een onzin. Ze zag spoken. Emile en zij waren al jaren samen en ze hadden alles wat ze zich maar konden wensen: twee gezonde meiden, een mooi huis, genoeg geld. Oké, hun seksleven was niet meer wat het ooit geweest was, maar dat was wel logisch. Ze waren allebei chronisch moe. Hij door de hoge werkdruk en zij omdat haar jongste dochter nog steeds geen nacht doorsliep. Het zou wel loslopen, na haar vakantie zou ze met hem praten, gewoon om er zeker van te zijn dat ze allebei gelukkig waren. Nu ging ze eerst genieten van de tijd voor zichzelf.
De eerste bergtoppen waren al aan de horizon te zien toen Soraya weer wakker werd en tegen vier uur ’s middags reden ze het terrein van de camping op.
‘Moeten we echt hier zijn?’ vroeg Ted.
‘Ja. Volgens mij wel. Dit is in ieder geval wel het juiste adres.’
‘Dat meen je niet.’

5.
‘En nu?’ vroeg Soraya.
‘Ik blijf maar gewoon langs de weg staan.’ Ted draaide de sleutel om en trok de handrem aan. De parkeerplaats voor het receptiegebouw van de camping was vol. Er stonden motoren zover het oog reikte. Minstens vijftig stuks. Het chroom glinsterde in het voorjaarszonnetje en iedere machine zag er anders uit: van zwarte benzinetanks met een doodshoofd erop tot hele kunstwerken die haar deden denken aan een kermisattractie. Ted had die rij motoren eigenlijk wel een mooie aanblik gevonden, ware het niet dat minstens dertig paar ogen hun kant op keken. Verlekkerd of dreigend? Het was op z’n minst intimiderend.
‘Wat is dit nou?’
‘Geen idee,’ zei Ted, ‘Ik loop wel even naar binnen om in te checken.’
‘Dus we blijven hier?’
Ted draaide zich naar haar toe. ‘Waarom zouden we niet hier blijven? Je hebt toch gereserveerd?’
‘Ja maar…’ klonk het zwak en Soraya knikte in de richting van de bikers.
Toen Ted de deur opendeed klonk er luid gejoel. Vanuit haar ooghoek zag ze een groepje mannen met blikken bier in hun handen. Ze keken haar kant op. Lachten ze haar nou uit? Ze wierp hun een giftige blik toe en baande zich een weg tussen de motoren door.
De receptie was goddank verlaten. Een oudere man met een brilletje en een dikke bos grijs haar keek haar vriendelijk aan. Aan het naamplaatje op zijn borst zag ze dat het de campingeigenaar was.
‘Wij hadden een reservering,’ begon ze. ‘Maar ik zie dat er hier een feestje is.’
Vragend keek de man haar aan. Nu was Teds Duits niet heel goed, maar ze had zich toch prima uitgedrukt, dacht ze zo.
‘Een feestje.’ Ze wees met haar duim over haar schouder naar buiten, waar drie mannen met baarden en gehuld in leder stonden. ‘Al die ongure types,’ fluisterde ze erachteraan.
‘Ik begrijp niet wat dat met uw reservering te maken heeft,’ zei de man, ‘maar als u me uw naam geef, dan zeg ik u waar uw standplaats is.’
‘In ieder geval een eindje van die kerels vandaan,’ zei ze. ‘Dat wordt moeilijk,’ lachte de campingbaas. ‘Die zijn met velen.’
‘Dat had ik ook al vastgesteld, ja,’ mompelde ze.
De man haalde zijn schouders op. ‘Eigenlijk is er niemand behalve jullie en de motorclub. Het is nog voorseizoen, hè.’
Oh boy. Het werd haar toch wel wat te heet onder de voeten. Ze zag zichzelf al liggen in haar busje met vijftig feestende kerels om zich heen.
‘Kunnen we onze reservering nog cancellen?’
‘Je kunt best ergens anders heen gaan, maar je krijgt geen geld terug of zo, als je dat bedoelt.’
Ze zuchtte diep. ‘De reservering staat op naam van Dijsselman en Zoufri.’
De man pakte er een kaartje van de camping bij en tekende met een balpen een cirkeltje om hun standplaats. Tegenover het toiletgebouw. Dat was dan wel weer een voordeel.
‘Nou, daar zitten we dan tussen die griezels,’ mompelde ze in het Nederlands. Ze draaide zich om. Dit hele kampeeridee beviel haar steeds minder.
Bij de deur werd ze tegengehouden door een beer van een vent.
‘Wat zei jij daar nou?’ zei hij dreigend.

6.
‘Pardon?’ vroeg Ted.
Tegenover haar stond een enorme kerel met een baard die het grootste gedeelte van zijn gezicht bedekte.
‘Had jij het nou over ons?’ Hij wreef over zijn kale kop. ‘Toen je zei dat je hier met ’griezels’ moet zitten?’ 
Jezus, dat had zij weer: een Nederlander. ‘O nee, hoor. Dat moet je verkeerd verstaan hebben.’ 
‘Vind ik anders niet zo netjes. Wij roepen toch ook niet dat we geen zin in burgertrutjes hebben?’ 
‘Nou, sorry, hoor.’ Ze had knikkende knieën en probeerde in te schatten hoe ze het snelst weer bij haar busje kon komen, van waaruit Soraya vrolijk zwaaide. ‘Ik moet ervandoor. Fijne vakantie,’ zei ze snel.
Ze haalde diep adem toen ze achter het stuur ging zitten. ‘Soraay. Ik weet niet of dit wel een goed plan is.’
‘Maar jij wilde toch blijven?’
‘Ik dacht van wel, ja. Maar behalve die motorclub zijn wij de enige gasten op de camping. Twee vrouwen en vijftig ruige kerels. Dat is toch niet te doen?’
‘Ik begon net aan het idee te wennen.’
Ted volgde Soraya’s blik en zag een man met een ringbaardje en enorm gespierde armen zijn hand naar haar opsteken.
‘We zijn wel ons geld kwijt als we weggaan,’ zei Ted.
‘Dus blijven we.’ Soraya keek op haar op haar horloge. ‘En ik moet over een klein uurtje bij die intake zijn. We hebben eigenlijk geen andere keuze.’
Ted zette de motor aan en stuurde Nelson de camping op. ‘Zeg jij maar waar we heen moeten dan,’ mompelde ze en ze wees naar het plattegrondje. De moed zonk haar in de schoenen. Met al die luidruchtige mannen om zich heen zouden ze geen oog dichtdoen. Veel liever zat ze gewoon lekker thuis met een goed boek in haar oorfauteuil bij de open haard. 
Toegegeven, ze hadden een mooi plekje met vrij uitzicht op de alpen en het gezelschap van haar beste vriendin maakte veel goed. 
‘Waar heb jij die intake?’ vroeg Ted. Ze had een klaptafel en twee campingstoelen voor het busje neergezet.
‘In het restaurantje bij de receptie.’ Soraya temde haar bos haar met een elastiekje. 
‘Zullen we even een wijntje doen?’
‘Alcohol? Nee. Dat lijkt me niet verstandig, ik moet fit zijn dit weekend. En ik moet nú naar mijn gesprek.’ Ze klapte opgewonden in haar handen. ‘Tot strakjes!’ En weg was ze.
Juist op dat moment schalde ergens achter haar een nummer van AC/DC uit een luidspreker. Ted keek eens goed rond, naar de bikers die een enorme tent aan het opzetten waren, te midden van de vele kleine tentjes die over het terrein verspreid waren. Het leek wel een hardrockfestival. Ze draaide de dop van de rode wijn en nam een flinke slok.

7.
Ted zette het gasbrandertje klaar en zette een pan met water op het vuur om pasta te kunnen koken. Ze trok de kraag van haar fleecetrui op. Het was nu nog goed uit te houden buiten, maar ze vermoedde dat het fris zou worden zodra het zonnetje achter de bergtoppen verdween.
‘Ha buurvrouw,’ klonk het achter haar.
Ted keek op. Het was de man die haar burgertrutje had genoemd bij de receptie.
‘Hallo?’ zei ze.
‘Mooie bus.’ Hij wees naar Nelson. In zijn andere hand hield hij twee blikjes bier. Hij reikte haar er eentje aan. ‘Wij hadden niet zo’n goede start, geloof ik.’
Ted had al rode wijn gedronken, maar toch nam ze het biertje aan. Ze stonden de komende nachten immers naast elkaar op het kampeerterrein, dus was het handiger om vrede te sluiten.
‘Welk bouwjaar?’
‘1961,’ zei ze trots. ‘Met grotendeels nog originele onderdelen.’ Dat dacht ze tenminste. Haar broer had zich altijd over de technische kant van Nelson ontfermt, zij was verantwoordelijk geweest voor het interieur.
‘Gaaf, man,’ zei hij en hij keek door de open schuifdeur naar binnen. ‘Echt geweldig. Een icoon. Ga je er vaak mee op vakantie?’
‘Het is er de laatste jaren niet echt van gekomen.’ Ze nam een grote teug en voelde dat ze een beetje dizzy werd. Ze lachte, de sfeer op deze camping bracht haar terug naar vakanties van vroeger, toen ze nog een twintiger was. ‘Maar dit is eigenlijk best leuk, misschien moet ik er weer wat vaker opuit trekken.’
‘Zou je zeker moeten doen.’ Hij liet zijn hand over Nelsons lak glijden. ‘Ik ben Herman en ik sta in het tentje naast jullie. Mocht je iets nodig hebben, dan roep je maar.’
‘Dank je,’ mompelde ze en ze stak haar hand op toen hij achter het busje verdween. Toch wel een aardige kerel.
Ze draaide de deksel van een pot tomatensaus en gooide de inhoud in een steelpannetje. De saus rook heerlijk naar basilicum, maar kon nog wel een kleine toevoeging gebruiken: ze goot er een scheutje rode wijn bij.
Toen ze de pasta had afgegoten en de saus warm was, stak ze een paar kaarsjes aan. Alles was klaar. Het was bijna acht uur, dus Soraya zou zo wel komen. Ze zette een wollen muts op en trok haar jas aan. Het was nu echt best wel koud.
Een kwartier later was Soraya er nog steeds niet. Ted had de saus bij de pasta in de pan gegooid en probeerde het geheel warm te houden op het gasbrandertje. Waar bleef Soraya nou? Ze overwoog om haar te gaan halen bij het restaurantje waar Soraya de intake had.
Net toen ze de deur van Nelson afsloot kwam Soraya aangewandeld.
‘Was het leuk?’ vroeg Ted. ‘Ik heb het eten klaar, dus je kunt zo aanschuiven.’ Ze wees naar het kleine tafeltje en de halfvolle fles wijn.
‘Lekker,’ zei Soraya en ze ging zitten. Ted vulde hun borden met de pasta, die er inmiddels uitzag als een ondefinieerbaar prutje.
Fronsend keek Ted haar aan. ‘Gaat het wel goed? Je zit er zo stilletjes bij.’
Soraya schraapte haar keel. ‘Ik heb dus mijn trainer ontmoet.’
‘En, hoe is hij?’
‘Ik weet niet of ik morgen wel moet gaan.’

8.
Ted schonk een glas wijn voor Soraya in. Soraya, die zelden alcohol dronk, protesteerde niet.
‘Vertel,’ zei Ted. ‘Waarom wil je die ijsduik niet meer maken?’ Ze moest hard praten om boven de heavymetal uit te komen.
‘Dat wil ik wel. Heel graag zelfs.’
‘Maar waarom weet je dan niet of je morgen wel moet gaan?’ 
Soraya haalde haar schouders op en nam een slok wijn. Ze zag wat bleek en ze trilde een beetje.
‘Vertel nou. Was het soms een enorme griezel?’ Ted begon te lachen. Soraya had het al weken over de voordelen van kou aan je lijf. 
Soraya zei niets en dook iets dieper weg in haar sjaal. 
‘Wat? Is het de trainer die je dwarszit?’
Soraya knikte kort en keek toen weg.
‘Maar je was lyrisch over hem.’
‘Over het ijsduiken. Die man had ik nog nooit ontmoet.’
‘Het zal wel loslopen, toch? Je gaat met een hele groep. Waar ben je bang voor?’ Ted nam een hap van haar doorgekookte pasta. De substantie deed haar denken aan het eten uit de potjes die ze weleens voor Emma kocht.
‘Dat is het ’m juist. Er is geen groep. Ik ben de enige die zich voor dit weekend heeft aangemeld. En ik zie het helemaal niet zitten om met die man alleen een berg op te gaan.’
‘Is hij echt zo erg?’
‘Hij is wat alternatief. En hij zat naar mijn borsten te loeren. Toen ik wegging zei hij dat hij veel zin had in ons uitstapje.’
‘Dus hij heeft je van top tot teen bekeken. Dat is op zich niet zo erg. Het is toch goed dat hij er naar uitziet om de workshop te geven?’
‘Hij kéék, Ted. Heel vaak. Eigenlijk plakte zijn blik vast aan mijn borsten. Hij heeft vast geen idee welke kleur ogen ik heb.’
Ted lachte. Hier zaten ze dan in het donker te vernikkelen van de kou tussen de hardrockers, voor een uitstapje met een übergriezel. 
‘Wat zit je nou te lachen?’
Ted lachte nog harder. De alcohol droeg er vast aan bij, maar ze kon de lol van hun situatie wel inzien. Ze stond op en sloeg een arm om Soraya’s schouder. ‘Waren we nou toch maar een paar dagen naar Ibiza gevlogen.’
Soraya keek op en schoot ook in de lach. ‘Vind je het stom? Dat ik niet goed met die man op pad durf te gaan?’
Ted schudde haar hoofd. ‘Maak je niet druk. Ik ga gewoon met je mee.’
‘Maar jij houdt niet van wandelen. En niet van de kou.’
‘Maar wel van jou.’
‘Zou je dat echt doen?’ Soraya’s gezicht klaarde op. Haar ogen glansden in het kaarslicht.
‘Ik wil die borstenman van jou weleens leren kennen. Tegenover ons twee aakt hij geen enkele kans.’

9.
‘Jij nog een beetje?’ vroeg Ted en ze hield de fles wijn omhoog.
‘Nou, doe maar niet. Ik ben al een beetje tipsy van dat ene glas.’
Ted lachte. ‘Dat zijn vast de zenuwen voor je ijsbad morgen.’
‘Nee, ik ben niks gewend, dat is het.’
Ted zette de borden in een teiltje. Afwassen kon morgenvroeg ook nog wel.
‘Wat is de planning voor morgen precies?’
‘Einde ochtend heb ik een voorbereidingssessie en dan gaan we rond het middaguur de berg op.’
‘Maar je hebt toch al een voorbereidingssessie gedaan vandaag?’
‘Dat was alleen een intake, een soort kennismaking. Morgen gaan we oefeningen doen.’
‘En ik maar denken dat je zo in dat wak zou springen.’
‘Geen wak. Een gletsjermeer. Het vereist wel wat voorbereiding, hoor. Vooral mentaal.’
Ted wilde vragen wat voor oefeningen je kon doen om je lichaam op een hel van ijskou voor te bereiden, maar voordat ze iets uit kon brengen stond Herman ineens voor hun neus.
‘Hallo Herman. Heb jij mijn vriendin Soraya al ontmoet?’
Herman gaf Soraya een hand en keek geamuseerd naar hen. ‘Wij hebben een tap neergezet in de grote tent. Dus mochten jullie een biertje willen…’
‘Nou,’ begon Ted. ‘Soraya heeft morgen een belangrijke dag. Ze gaat een ijsbad nemen en dat is een hele happening, we zijn speciaal daarvoor hiernaartoe gekomen. Dus het zou beter zijn als we vroeg onder de wol gaan, zodat ze morgen topfit is.’
‘Wat jullie willen. Jullie zijn in ieder geval van harte welkom. Er is ook limonade.’ Hij gaf hun een vette knipoog.
‘We komen er zo aan,’ zei Soraya.
Ted keek haar stomverbaasd aan.
Herman streek over zijn dichte baard. ‘Leuk. Dan zie ik jullie zo.’ En hij was verdwenen.
‘Serieus, Soraay? Een avondje socializen met de motorclub?’
‘Dan hoef ik niet de hele tijd aan morgen te denken. Misschien neem ik zelfs nog een biertje, dan slaap ik vast goed.’
‘Meid, je moet doen wat je denkt dat goed voor je is. Maar om nou tussen al die kerels te gaan zitten. Ik weet het niet.’
‘We gaan gewoon even langs. We zijn in drie stappen thuis.’
Ted stond lachend op en schoof Nelsons zijdeur dicht. Samen liepen ze naar de grote witte tent die omringd was door kleine tentjes. In plaats van heavy metal schalden er nu rock classics uit de speakers. In de tent stonden lange tafels en het barstte er van de bikers. Het deed haar een beetje denken aan een Duits bierfeest. Alleen hadden de mensen hier geen lederhose aan en groene hoedjes op, maar droegen ze leren giletjes met allerlei emblemen erop.
‘Ted! Hierheen.’ Vanaf een tafel achterin zwaaide Herman naar hen.
‘Hé, er zijn dus ook vrouwen,’ zei Soraya in Teds oor. Herman zat met nog twee mannen en vier vrouwen aan tafel en ze stonden allemaal op om Ted en Soraya de hand te schudden. Nog voordat ze gingen zitten stonden er al twee enorme pullen bier op tafel.
‘Kom er gezellig bij,’ zei Miranda, een vrouw met platinablond haar en een diepbruin gezicht met veel rimpels. Ted knikte en zag vanuit haar ooghoek dat Soraya het glas bier aan haar mond zette en het met grote teugen leegdronk.

10.
‘Die vriendin van jou is een flinke drinker. Dat zou je niet denken bij dat ranke figuurtje van haar,’ lachte Miranda. Soraya had haar tweede pul bier al bijna leeg.
‘Ze is een beetje zenuwachtig voor morgen,’ fluisterde Ted. ‘Dan moet ze met een griezel gaan zwemmen in een ijsmeer.’
Met een blik vol ongeloof keek Miranda naar Soraya en toen weer naar Ted. 
‘Zwemmen in een ijsmeer?!’
‘Dat is een nieuwe trend onder gezondheidsfanaten. Het doet je lijf klaarblijkelijk goed om de kou in te duiken. Je krijgt er energie van.’
‘Nou, respect hoor!’
Ted keek naar Soraya, die in gesprek was geraakt met Herman. Ze kon een gevoel van trots niet onderdrukken. Soraya was echt een bikkel. Het was zo typisch Soraya om haar grenzen te verleggen en nieuwe ervaringen op te doen. Het maakte Ted niet uit of het koud zou zijn, ze zou morgen alles doen om Soraya te ondersteunen toch haar doel te bereiken. 
Haar gedachten werden verstoord door een groepje mensen dat hun tafelgenoten kwam begroeten. 
‘Met hoeveel mensen zijn jullie hier op de camping?’ vroeg Ted aan Miranda.
‘Met tweeënveertig mensen, onder wie vijf vrouwen. Er zijn mensen uit Nederland, Duitsland en een handjevol Belgen.’
‘Ik dacht dat jullie met nog veel meer waren. Maar nog steeds erg veel mensen. Allemaal van dezelfde club?’
‘Meer een vriendengroep. We zijn van verschillende motorclubs die onderling met elkaar verbonden zijn, we ontmoeten elkaar vaak op feesten en plannen tochten door Europa.’
‘Zoals nu?’
‘Ik zou vrijwillig niet in april door de Alpen gaan rijden, hoor.’ Ze streek over haar bovenarmen. ‘Ik heb het al de hele dag ijskoud.’
‘We zijn hier voor Jan,’ mengde Herman zich in het gesprek. ‘Een lid van onze club. Teringkanker.’
‘Hij is vorig jaar overleden,’ verduidelijkte Miranda. ‘Dus dit is een tocht ter nagedachtenis aan Jan. Maar wie heeft bedacht om dat in de winter te doen is niet goed wijs.’ Ze lachte en nam nog een slok van haar bier.
‘Het is allang lente, Miran,’ zei Herman. ‘En deze datum is gekozen omdat Jan precies een jaar geleden is gestorven.’
‘O jeetje,’ mompelde Ted. ‘Wat erg.’
‘Ja. Het is zeker erg.’ zei Miranda. ‘Maar Jan zou willen dat we plezier hebben. Hij was de grootste gangmaker van ons allemaal en dat we hier met zoveel verschillende mensen zijn hebben we ook aan hem te danken. Hij sloot overal en met iedereen nieuwe vriendschappen. Een mooi mens was hij.’
‘Hij had deze toer bedacht, hij wilde met al deze mensen door de Alpen trekken met de motor. Maar toen werd hij ziek en hij ging heel snel achteruit.’
Ted wilde wat zeggen, maar vanuit haar ooghoek zag ze dat Soraya met bierglas en al achterover van de bank viel.

11.
‘O Soraay, wat doe je nou?’ zei Ted.
‘Ik viel zomaar ineens,’ giechelde ze.
Ted stond op om Soraya weer op de been te helpen, maar die hing als een zoutzak tegen de bank aan.
‘Werk nou even mee,’ zei Ted.
‘Doe ik wel hoor,’ zei ze en ze liet haar hoofd opzij rollen. ‘Maar eerst even slapen.’
‘Kom maar eens eventjes hier,’ klonk de stem van Herman. Hij stond op en greep Soraya onder haar armen en knieën. Als een lam lag ze in zijn armen en keek hem gelukzalig aan.
‘Gaan wij samen tussen de ijsschotsen zwemmen?’ zei ze met een dubbele tong.
Ted moest lachen. Ze had Soraya nog nooit dronken gezien.
‘En nu?’ vroeg Herman.
‘Je moet haar naar bed brengen, Herman. Het arme kind,’ Miranda was ook opgestaan en gaf zachte klapjes tegen Soraya’s wangen om haar wakker te houden.
‘Zo gezellig hier,’ mompelde Soraya. ‘Allemaal lief.’
‘Kom, Herman,’ zei Ted en ze ging hem voor naar de uitgang van de tent. Toen Herman langs de tafels liep klonk er hier en daar gejuich. Ted schudde lachend haar hoofd. Dit was echt niks voor Soraya.
Buiten sloeg de kou in haar gezicht. Wat een verschil een paar tentdoeken en straalkacheltjes konden maken. Ze keek omhoog naar de hemel vol sterren.
‘Ze was echt ineens ladderzat,’ zei Herman, die Soraya nog steeds in zijn armen hield.
‘Kijk nou uit voor die scheerlijnen,’ riep Miranda. Ze drentelde om Herman heen. ‘Het is hier hartstikke donker tussen die tentjes.’
‘Ze drinkt echt bijna nooit,’ zei Ted. ‘Daarom viel het bier niet zo goed, vermoed ik.’
‘Gekke meid.’
Nelson was bedekt met een laagje condens. Ted schoof de zijdeur open en deed een stap terug, zodat Herman er met Soraya door kon. Hij stapte half in het busje en Ted hoorde hem vloeken. Hij moest Soraya op het bed zien te krijgen. En ze werkte niet bepaald mee.
‘Terug naar het feestje,’ mompelde Soraya.
‘Jij gaat lekker slapen,’ zei Herman en hij kwam de bus weer uit. ‘Ze ligt erin hoor,’ zei hij tegen Ted.
‘Dankjewel.’
‘Ga je nog mee terug?’
‘Misschien. Ik blijf sowieso eerst even bij haar.’
Miranda pakte haar bij haar arm. ‘Je moet goed op haar letten, hoor. Mijn zoon heeft zo ooit een alcoholvergiftiging opgelopen. Je weet hoe die jonge kerels zijn, ze kunnen geen maat houden.’
‘Het komt denk ik wel goed, hoor. Ze moet gewoon even een nachtje goed slapen.’
Ted zwaaide kort naar Herman en Miranda en ging toen de bus in. Even overwoog ze om Soraya om te kleden, maar na wat gesjor besloot ze dat het onbegonnen werk was. Ze beperkte zich tot het uittrekken van Soraya’s schoenen en trok een slaapzak over haar heen. Soraya lag inmiddels luid te snurken. Ted overwoog om terug te gaan naar de grote tent. Gek eigenlijk, omdat ze zich dat vanmiddag echt niet voor had kunnen stellen. Maar het was leuk om nieuwe mensen te leren kennen en het voelde goed om er even uit te zijn.
Een hoestbui van Soraya bracht Ted terug in de werkelijkheid: het was misschien niet echt verantwoord om Soraya hier alleen te laten liggen. Dus zette ze een plastic bak aan Soraya’s hoofdeinde voor het geval het bier een weg naar buiten zou zoeken en kroop ze zelf in haar slaapzak. Over een paar uurtjes moesten ze opstaan voor hun tocht naar de gletsjer. Als dat maar goed kwam.

12.
Ted werd wakker van het licht dat door de voorruit naar binnen viel. Ze pakte haar mobiel. Halfacht. Ze moesten opstaan als Soraya nog op tijd wilde zijn voor haar voorbereiding. Ze keek opzij naar de bos zwarte krullen en stootte Soraya aan. Er klonk wat gekreun en kort daarna een vredig zacht gesnurk.
‘Soraya,’ fluisterde Ted.
‘Neehee.’
‘We moeten opstaan.’
‘Kan ik niet.’ 
‘Kom. Vandaag is de grote dag. Je gaat een ijsbad in een gletsjermeer nemen.’
Soraya kwam half overeind. ‘Ik heb hoofdpijn.’ Ze liet zich weer op haar kussen zakken en trok haar slaapzak over haar gezicht.
Ted kroop het bed uit en deed de schuifdeur open, wat haar onmiddellijk protest opleverde van Soraya. De ochtendlucht voelde koud aan en ze pakte snel haar fleecetrui en haar muts. Met haar toilettas liep ze naar het toiletgebouw. De hele camping verkeerde nog in diepe rust. Er verscheen een glimlach op haar gezicht, die ze niet meer weg kreeg. Het Alpenweekendje was nu al onvergetelijk. Een uitstapje waar ze over een paar jaar nog steeds om zouden kunnen lachen. Als het tenminste goed kwam met Soraya, want die moest nu wel echt opstaan. 
Ze ging naar de wc, poetste haar tanden en plensde wat water in haar gezicht. Daarna liep ze terug naar Nelson, waar Soraya ondanks de geopende deur weer in slaap was gevallen. Ted stapte de bus in en porde Soraya’s schouder. 
‘Soraay. Kom nou. Je moet er echt uit.’
Met tegenzin stond Soraya op. Ze keek fronsend naar haar benen. ‘Ik heb mijn spijkerbroek nog aan.’
‘Ja. Ik kreeg hem niet uit.’
‘Ik weet niet meer hoe ik hier ben gekomen.’
‘Nee, dat eh, dat was nogal een gedoe.’
Ze wreef over haar gezicht. ‘Was ik zo dronken?’
‘Nogal.’
Ze stapte uit de bus en wankelde zo erg dat Ted haar snel bij haar schouders vastpakte.
‘Jezus. Mijn hoofd knalt bijna uit elkaar.’
‘Ik maak een stevig ontbijt voor je en dan ben je zo weer fit.’ Ted geloofde er zelf niet in, maar ze moest haar vriendin op een of andere manier zien te motiveren. Anders zou die hele trip in het water vallen. ‘O nee. Ik ben vergeten havermout te weken.’
‘Ik denk dat havermout ook niet het juiste middel is om jou weer op de been te krijgen.’
‘Havermout is hartstikke gezond en geeft een bom energie,’ begon Soraya, maar Ted stak haar hand op en met een grimas op haar gezicht zakte Soraya neer op een van de stoelen. 
‘Ik ga een eitje voor je bakken, dat ik serveer met een paar dikke sneeën toast.’ 
Soraya at alleen dingen die verantwoord waren, maar vandaag zou ze gewoon op een eeuwenoud antikaterrecept moeten vertrouwen.
‘Ik moet er echt heen, hè?’ zei Soraya met zichtbare tegenzin. 
’Hup.’

13
‘Natuurlijk ga je dat ijsbad nemen. Kom op, Soraya, nu niet terugkrabbelen.’
‘Ik voel me niet zo fit.’ Met een vies gezicht sneed ze een stukje toast met ei af en bracht de vork naar haar mond.
‘Eet maar op, daarna voel je je weer een beetje mens.’
Soraya stopte het in haar mond en sneed meteen een groter stuk af. ‘Je hebt wel gelijk natuurlijk. Ik moet gaan. Ik heb al betaald en alles.’
‘En ik ga met je mee.’
‘Dat maakt veel goed.’ Er verscheen een glimlach op haar gezicht en haar wangen kregen weer wat kleur.
‘Ik heb Emile proberen te bellen. Hij nam niet op. Wat raar is, want rond deze tijd zou hij met de meisjes thuis moeten zijn.’
‘Misschien maken ze een uitstapje? Het is zaterdag, hè.’
‘Zoiets zal het zijn,’ zei Ted, maar het zat haar toch niet helemaal lekker. Ze moest het straks nog maar eens proberen. Ze had Emile een berichtje gestuurd dat ze goed waren aangekomen en ze had een gesproken berichtje achtergelaten voor de meisjes. De blauwe vinkjes bewezen dat hij de berichten had gezien. Maar hij had niets teruggestuurd.
‘Was wel gezellig gisteren, hè?’ zei Soraya zacht. ‘Alleen nogal een afgang dat ik zo dronken ben geworden. Ik mis een paar stukjes. Was ik vervelend?’
‘Weet je er niets meer van?’
‘Ik herinner me nog dat we aan die tafel zaten en dat ik gezellig aan het kletsen was. Daarna niets meer.’
‘Nou. Dat is het ook wel zo’n beetje, hoor.’
‘Aardige kerel, die Herman.’
‘Ja. Hij is wel oké.’ Ted keek Soraya aan. ‘Krijg jij nou een kleur?’
‘Doe normaal, Ted.’
‘Een biker met een baard? Dat had ik nou niet van jou gedacht.’
‘Zo’n baard is anders heel hipster, hoor.’
Ted schudde lachend haar hoofd. Ze geloofde niet dat Herman die baard uit trendgevoeligheid had laten groeien.
‘Het is gewoon een echte man. Daar hou ik wel van. En je raadt nooit wat hij doet voor de kost.’
‘Nou?’
‘Hij is dierenarts.’
Dat verbaasde Ted dan weer wel, ze had hem ingeschat als iemand die heel stoer op een steiger van dertig meter hoog werkte of als iemand die de kost verdiende als boswachter ofzo.
‘Vanavond is er weer een feestje. Daar gaan we wel heen, toch?’ vroeg Soraya.
Ted besloot maar niet te vertellen hoe het feestje van gisteravond echt was geëindigd, het was waarschijnlijk te veel voor Soraya om te horen dat Herman haar ladderzat naar haar bed had moeten dragen.
‘Als jij klaar bent, dan kunnen we wat mij betreft gaan,’ zei Ted terwijl ze een dubbele knoop in de lange veters van haar wandelschoenen legde.
‘Ja.’ Soraya veerde op en greep meteen naar haar hoofd. ‘Au.’
‘Dat laatste biertje is niet goed gevallen, of wel?’
Soraya sputterde wat. Ze ruimden hun spullen weg en sloten Nelson af. Samen liepen ze naar de receptie.
‘Wat zeggen we eigenlijk tegen hem? Jij bent natuurlijk helemaal niet aangemeld voor de workshop,’ zei Soraya en ze wees naar een deur. ‘Daar is het.’
‘Geen idee, nog niet over nage…’
De deur was opengegaan en Ted bleef als verstijfd staan.

14
Was deze man de trainer waar Soraya over verteld had? Hij stond in de deuropening en keek haar vragend aan met zijn gletsjerblauwe ogen. Hij had blond haar tot aan zijn kaaklijn. Een brede kaaklijn, bedekt met een kort baardje.
‘Hallo,’ zei hij met Duitse tongval.
‘O sorry,’ zei Ted, ze kwam in beweging alsof plotseling de betovering verbroken werd. Ze nam de hand aan die hij haar toestak. ‘Ik ben Ted.’
Hij stelde zich voor als Helmut en knikte haar vriendelijk toe. Een moment lang kon Ted alleen maar in die blauwe ogen staren, tot Soraya een stap naar voren deed.
‘Ted is mijn vriendin. Ze gaat vandaag ook mee.’
Helmut trok zijn wenkbrauwen op. ‘Echt? Ik dacht dat jij de enige cursist vandaag was.’
‘Ik kom ook alleen maar kijken hoor. Ik doe niet mee.’
Hij keek even bedenkelijk, maar al snel glimlachte hij. ‘Leuk. Wel gezellig zo met twee dames op stap.’
Soraya wierp Ted een veelbetekenende blik toe, maar Ted snapte werkelijk niet wat Soraya’s probleem was. Helmut leek haar een aardige kerel. Het was echt meer dan schappelijk dat hij zomaar accepteerde dat ze zonder te betalen meeging. Hoewel, hij zou toch niet verwachten dat…
‘Helmut, nog even een vraagje voor de duidelijkheid,’ begon Ted. ‘Ik doe vandaag niet echt mee, hè, dus ik neem aan dat er geen kosten aan verbonden zijn?’
Hij lachte luid. ‘Die Hollanders ook altijd. Kijken, kijken, niet kopen.’
Ted perste haar lippen op elkaar.
‘Grapje,’ zei Helmut en hij liep voor hen uit de ruimte in. ‘Ik heb er geen probleem mee, hoor. Ga jij maar lekker mee. Zoals gezegd, hartstikke gezellig.’
Ted knikte en ging snel zitten naast Soraya op een laag bankje bij het raam. Ze zaten in een vergaderruimte, maar wel eentje met een prachtig panoramisch uitzicht op de bergen. Glooiend landschap begroeid met dennen en daar bovenuit staken antracietkleurige punten met witte toppen.
Ted keek toe hoe Soraya zich in kleermakerszit liet zakken op een lila matje. Helmut deed hetzelfde op een matje tegenover haar. Ze begonnen met een ademhalingsoefening. Heel snel in- en uitademen, het leek net hyperventileren. Ted kreeg het al benauwd als ze ernaar keek en ze besloot Emile nog een berichtje te sturen. Het was opvallend stil rondom Emile. Er verschenen prompt twee blauwe vinkjes achter het bericht. Nog tien minuten wachtte ze, terwijl Soraya zienderogen haar innerlijke rust bereikte, of ze was gewoon dizzy door de oefeningen. Helmut had zijn handen voor zijn borst gevouwen en zijn ogen gesloten, dus zo erg kon het op dit moment niet zijn met zijn borstengestaar. Ze besloot even naar buiten te glippen om Emile te bellen. Op haar tenen sloop ze naar de deur en ze duwde langzaam de klink naar beneden. Die mocht wel eens gesmeerd worden, want er klonk luid gekraak. Ze keek over haar schouder. Soraya had er niets van had gemerkt.
Buiten was het fris in de koude ochtendlucht, hoewel het zonnetje scheen. Ze belde Emile. Tergend lang ging de telefoon over. Ze probeerde het nog eens.
‘Met Sophie,’ klonk de lieve stem van haar dochter. Teds hart maakte een sprongetje, dat meteen werd gevolgd door een steek van gemis.
‘Dag lieverd. Met mama. Gaat het goed bij jullie? Waar is papa?’
‘Die is even met Eveline bezig.’

15
‘Met Eveline bezig?’ herhaalde Ted de woorden van haar oudste dochter. ‘Hoe bedoel je, schatje?’ Het bloed steeg naar haar hoofd.
‘In papa’s kantoor.’
‘Gaat het goed met jou en Emma?’
‘Ja, hoor. Ik mocht laat opblijven met limonade en chips en vanmiddag gaan we naar het Speelpaleis.’
‘Wat leuk. Geef je me papa even?’
Er klonk wat geritsel en ze hoorde Sophie op een deur kloppen. Ted haalde diep adem. Ze keek naar de mensen die der over de camping rondscharrelden, hoewel het grootste gedeelte van de gasten nog zijn roes uit lag te slapen na het feest van gisterenavond. 
‘Sophie, ik had toch gezegd…’ klonk de stem van Emile op de achtergrond. 
‘Het is mama. Ze wil jou aan de telefoon.’
Ze hoorde Emile geïrriteerd zuchten en haar hart kromp ineen. Ze stelde zich voor hoe Sophie in de hal stond met hangende schouders en een sip gezichtje. Ze deed slechts wat haar moeder haar had opgedragen.
‘Wat is er?’ vroeg Emile.
‘Ook goedemorgen zeg. Wat klink je lekker gezellig.’
‘Sorry. Nogal druk hier.’
‘Ik hoorde het al. Eveline is bij jou.’
Heel even bleef het stil. ‘Ja,’ zei Emile toen kortaf.
‘En ga je nog uitleggen waarom je een vrouw mee naar huis neemt zodra ik een weekendje weg ben?’
‘Ga nou niet zo beginnen, Ted.’
‘Ik vind het gewoon nogal raar. Eveline komt normaal nooit op zaterdagochtend naar ons huis.’
‘Nee, maar normaal hoef ik ook niet thuis te werken.’
Ai. Dat was natuurlijk waar. Hij had waarschijnlijk moeten passen en meten om thuis te kunnen zijn bij de meiden. 
‘Sorry. Ik wil niet onredelijk doen,’ zei ze. En toch zei een klein stemmetje in haar achterhoofd dat er iets niet in de haak was. ‘Ik hoorde dat je straks iets leuks gaat doen met Sophie en Emma?’ Ze luisterde naar de gestreste stem van Emile en zwaaide ondertussen naar Herman, die met een handdoek over zijn schouder en een toilettas onder zijn arm voorbij kwam lopen. 
Na het gesprek liep ze terug naar binnen. Ze wreef over haar armen. Het bleef verrassend fris buiten. Ze glipte de ruimte weer naar binnen waar Helmut nu hummend tegenover Soraya zat. Hij merkte niet eens dat ze binnenkwam. Ted trok de deur zachtjes dicht en bleef even staan. Het leek alsof ze, alleen door deze ruimte te betreden, alles van zich af voelde glijden. Kwam dat door Helmut? Hij zat kaarsrecht in kleermakerszit, met zijn handen losjes op zijn knieën en zijn ogen dicht. Ze haalde diep adem en liet de rust die hij uitstraalde op zich inwerken. Er was niets waar ze zich druk over hoefde te maken. Alles was goed. Toch?
Soraya keek over haar schouder naar Ted. En aan haar blik zag Ted dat zij allesbehalve rustig was.

16
Ted trok haar wenkbrauwen op. Soraya wilde haar iets duidelijk maken met haar blik, maar de boodschap kwam niet aan.
‘Wat?’ mimede Ted.
Soraya schudde haar hoofd, een tikje wanhopig, en draaide zich toen weer om naar Helmut, die tegenover haar onverstoorbaar zat te chanten.
Had Helmut iets vervelends gedaan in de hooguit tien minuten die Ted weg was geweest? Ted kon het zich nauwelijks voorstellen. Helmut was daar toch helemaal het type niet voor. En bovendien verkeerde hij zodanig in hoge sferen dat hij zich hoogstwaarschijnlijk niet eens van ’hun aanwezigheid bewust was.
Ted ging weer zitten op het bankje bij het raam.
Er verstreek een uur. In dat uur gebeurde er eigenlijk niets. Er werd alleen maar heel bewust adem geademd. Ted vond het doodsaai en van het vooruitzicht dat ze hier nog anderhalf uur moest zitten werd ze niet bepaald vrolijk.
Helmut sprong ineens vanuit het niets op.
‘Voel je die negatieve energie?’
Ted keek verschrikt op van haar mobiel.
Met verende stappen kwam Helmut naar haar toe. Hij keek haar met wijd geopende ogen aan, het gletsjerblauw leek nu een stuk donkerder. Ted zocht met haar blik steun bij Soraya, maar die leek al net zo overrompeld te zijn als zijzelf.
‘Sorry, wat?’ vroeg Ted. Haar stem trilde een beetje.
‘Ik voel die energie in elk geval wél, en het stoort.’
‘Ik stoor?’
‘Dat apparaat van je. De straling is echt enorm. Behalve dat het hartstikke ongezond is, verstoort het ook de kanalisering van mijn energie.’
Ted stopte haar mobiel snel weg. ‘Dat spijt me.’
‘Weet je wel waar je mee bezig bent?’
‘Ik zat hier gewoon,’ zei ze met een klein stemmetje.
Hij pakte haar hand vast en trok haar mee. Ze keek vragend naar Soraya.
Hij schoof zijn matje naar het midden van de ruimte en wees ernaar. ‘Ga hier maar liggen,’ zei hij. Hij streek zijn haren achter zijn oren en keek haar met een dwingende blik aan.
‘Waarom zou ik dat doen?’
‘Je bent volkomen uit balans. Ik kan het niet aanzien.’
Ted aarzelde. Deze situatie zou grappig zijn als Helmut er niet zo streng bij keek.
‘Ga nou maar liggen, dan help ik je.’
Ted keek weer naar Soraya. Die haalde haar schouders op. Ze was toch helemaal niet aangemeld voor deze workshop? En nu moest ze ineens meedoen. Ze was toch wel benieuwd wat Helmut van plan was.
‘Ga maar met je ogen dicht op je rug liggen.’
‘Wat ga je doen dan?’
‘Je moet je ontspannen, anders werkt het niet.’ Hij drukte haar schouders tegen de grond aan.
Ontspannen? Ze voelde zich allesbehalve ontspannen. Ze wist niet of ze dit wel wilde, haar plekje op het bankje bij het raam was veel comfortabeler geweest. Misschien moest ze hem dat gewoon zeggen en daarna opstaan. En vervolgens de deur uitlopen. Maar dan zou ze Soraya in de steek laten.
‘Je staat onder stroom.’ Helmut boog over haar heen en ze zag dat de haartjes van zijn baard een rossige glans hadden. Hij rook lekker, naar buitenlucht en iets houtigs.
‘Doe je ogen nou maar dicht. Ik wil je helpen.’
Ze haalde diep adem en sloot haar ogen.

17
Ted lag met haar ogen dicht te wachten op wat er zou komen. Een tinteling kroop door haar lichaam, iets wat het midden hield tussen zenuwen en nieuwsgierigheid. Wat ging Helmut doen om haar in balans te brengen? Ze hoorde hem iets onverstaanbaars fluisteren en zijn handen tegen elkaar wrijven. Een ruw, schurend geluid. Toen werd het plotseling warm boven haar voorhoofd, en het leek alsof haar huid begon te tintelen, alsof de ruimte tussen haar voorhoofd en Helmuts handen statisch geladen was.
Ze wilde haar ogen openen en hem zeggen dat ze het écht voelde. Maar die moest ze gesloten houden, dan had hij duidelijk gezegd. Er passeerden allerlei kleuren en patronen voor haar geestesoog, alsof ze in een caleidoscoop keek.
En toen was het weg. Maar ze voelde de warmte op haar borst. Waren daar nu zijn handen? Ze probeerde zich voor te stellen hoe zij daar lag en hoe Helmut haar door deze eigenaardige handoplegging in balans bracht. In plaats daarvan zag ze pluizige wolkjes in een lilakleurige lucht.
Ze voelde hoe de warmte zich telkens verplaatste en toen Helmuts hand langs haar bovenarm streek, dacht ze dat ze zelfs even had geslapen.
‘Ik ben klaar. Doe je ogen maar open.’
Ze deed wat hij zei en richtte haar bovenlichaam op. Ze werd meteen duizelig.
‘Ho ho, rustig aan. Blijf maar even liggen.’ Hij drukte haar zachtjes achterover en ze liet zich gewillig weer zakken.
Ze keek hem aan. Zijn blik was nu heel anders. Niet meer streng, maar…ja hoe eigenlijk? Zijn gletsjerblauwe ogen glansden. Zelfvoldaan was misschien het juiste woord.
‘En?’
‘Dat was…’ Ze zocht naar het juiste woord. ‘Wat was dat?’
‘Ik zei toch dat ik je zou helpen?’ Pretoogjes. Hij had pretoogjes. Hij wist dat hij iets bij haar had losgemaakt. ‘Hoe voel je je?’
‘Bizar. Hoe deed je dat?’
‘Je sacraalchakra was geblokkeerd. Ik heb je reiki gegeven, nu stroomt de energie weer soepel door je chakra’s.’
Even keek ze hem stomverbaasd aan. ‘Ik heb geen idee wat je zojuist gezegd hebt.’
Er brak een lachje door op zijn gezicht. ‘Chakra’s zijn de lichaamspunten waar energie is gecentreerd. Bijvoorbeeld je derdeoogchakra.’ Hij hield zijn hand weer boven haar voorhoofd. ‘Dat zit hier. Het is goed ontwikkeld. Ik merkte meteen hoe je je openstelde voor de reiki die ik je gaf.’ Hij volgde met zijn handen de contouren van haar lichaam, maar raakte haar niet aan. ‘Boven je navel is een punt, boven het schaambeen en dan nog bij je stuitje, je keel en je kruin. Er vloeit energie van het ene naar het andere punt, en als er een chakra verstopt zit, voel je je niet meer lekker.’
‘Dat had ik dus met mijn secreet?’
‘Sacraalchakra.’ Hij wees naar haar schaamstreek.
Ted voelde hoe haar wangen begonnen te gloeien. Ze zat er niet op te wachten om haar sacraalproblematiek met Helmut te bespreken, bovendien had ze tot een halfuur geleden niet geweten dat ze daarbeneden een energieverstopping had.
‘Je hoeft niet zo moeilijk te kijken, het is iets heel natuurlijks, en ik heb de balans hersteld. Het sacraalchakra is het centrum van de emotie.’
Pfiew, dat klonk onschuldig genoeg.
‘Het gaat om het toelaten van gevoelens. Om je chakra te ondersteunen, kun je jezelf een paar keer per dag toespreken. Je zegt dan: “Ik accepteer het heden.”’
‘Oké,’ zei ze aarzelend.
‘En ik wil je nog iets laten zien.’ Hij veerde overeind.

18
‘Wat wilde je me laten zien?’ zei Ted, die was opgestaan van haar matje. Ze keek naar Soraya, die haar met grote ogen aan zat te staren.
Helmut rommelde wat in een grote weekendtas. Hij haalde een mapje met potloden en een stuk papier tevoorschijn.
‘Hier. Kijk,’ zei hij.
Ted boog zich over het papiertje. Hij tekende een poppetje en kleurde delen ervan in.
‘Dit is jouw aura. Aan de kleuren kun je zien dat er een paar dingen niet goed zitten. Ik zie bij jou een grote citroengele vlek.’
‘Ehm,’ begon Ted. Ze zag zichzelf als nuchter mens, stevig met beide benen op de grond. Dit was een ver-van-haar-bedshow. 
‘Je bent bang dat je dingen gaat verliezen. Kan van alles zijn. Bijvoorbeeld je baan, je relatie, of je staat voor een ingrijpende verandering van levensstijl.’
‘Nou, daar was ik me dan nog niet van bewust.’
‘Snap ik. Dit speelt zich op een heel ander niveau af. Het duurt nog even…’ Hij raakte met zijn vingers zijn voorhoofd aan. ‘…voordat het hierboven aankomt.’
‘Ik weet eigenlijk niet zo goed wat ik hier nou mee moet .’
Hij hield zijn handen verdedigend omhoog. ‘Ik zeg het alleen maar even, hè. Het viel me meteen op.’
‘En hoe zie je dat dan?’
‘Het hangt zo’n beetje als een wolk om je heen. Heel anders is het bij Soraya.’ Hij keek met een scheef hoofd naar Soraya. ‘Die heeft ook een heel apart aura.’ Hij hield zijn hand met een draaiende beweging voor zijn borst en wendde zich toen tot Soraya. ‘Jij hebt een centrum van regenboogkleuren, dat is absoluut bijzonder. Het viel me gisteren meteen op toen ik je zag. Voor het eerst dat ik dat in het echt zie.’
‘Zat je daarom de hele tijd naar haar borsten te staren?’ vroeg Ted. 
Soraya werd knalrood en wierp Ted een waarschuwende blik toe.
‘Was het zo duidelijk? O sorry, wat onprofessioneel.’ Ook Helmut kreeg een kleur.
‘Maar wat betekent het dan?’ vroeg Soraya.
‘Dat weet ik niet precies. Je bent een nieuwe ziel waarschijnlijk, een nieuwetijdskind.’
‘Oké. En wat betekent dat?’ vroeg Ted.
Hij keek Soraya aan. ‘Dat jij gemaakt bent om helende energie te geven, om andere mensen te helpen. Vol positieve energie en perfect in balans.’
‘Aha,’ mompelde Soraya en ze trok een wenkbrauw op.
‘Ongekend,’ riep Helmut uit en hij ratelde maar door over zijn spirituele bevindingen. ‘Zeer interessant,’ besloot hij. ‘Maar nu pauzeren we even. Ik zie jullie om half twee, dan gaan we de berg op.’ Hij keek haar stralend aan.
‘Juist ja.’
‘Ik heb er zin in,’ riep hij over zijn schouder toen hij de deur uit liep.
‘Nou, Soraay, maak je borst maar nat.’
‘Ik ben benieuwd,’ mompelde Soraya en ze pakte haar handdoek op.

19
Ze had zich deze workshop totaal anders voorgesteld. Soraya schoot in haar jas en liep naast Ted naar buiten. Ze haalde diep adem. De luchtwas helder en fris. Even bleef ze staan om het natuurschoon in zich op te nemen. Het donkergroene dennenbos met hier en daar een lichtgroene vlakte. Het grijze gesteente met de witte toppen die scherp tegen de blauwe hemel afstaken. De bergen hadden iets sprookjesachtigs.
Helmut was de enige wanklank in deze ongeving. Ze had totaal geen klik met hem.
‘Beetje een rare snuiter, toch?’ zei ze tegen Ted.
Ted staarde dromerig in de verte. ‘Hij heeft wel wat, vind ik.’
‘Meen je dat nou? Dat esoterische is toch helemaal niets voor jou?’
‘Misschien sta ik wel voor een keerpunt, je hebt het zelf gehoord.’
‘Dat verzon hij ter plekke.’
‘Hij zou zomaar gelijk kunnen hebben.’
Soraya pakte Ted bij haar arm. ‘Schei uit, zo ken ik je helemaal niet.’ Opeens viel het haar op dat Ted er nogal gespannen uitzag. Ze kende haar vriendin door en door en normaal gesproken zou Ted een situatie als deze hartstikke grappig vinden.
‘Is er iets?’ vroeg Soraya.
Ted haalde nukkig haar schouders op. ‘Ik vind het gewoon zo gek dat Eveline bij mij thuis rondhangt als ik er niet ben.’
‘Wie is Eveline?’
‘De assistente van Emile. Ik krijg maar moeilijk contact met hem, hij reageert niet op mijn whatsappjes. Vanmorgen had ik Sophie aan de telefoon en zij zei dat Eveline er was. Toen moest hij het wel toegeven natuurlijk.’
‘Wat zei hij dan?’
‘Dat ze aan het werk waren.’
‘En dat geloof je niet?’
‘Weet ik veel. Het is raar. Eveline komt nooit bij ons thuis.’
‘Misschien moet je hem nog even bellen. Het is vast een onschuldig werkoverleg. Misschien hebben ze hun werk op kantoor niet afgekregen en heeft Emile het daarom mee naar huis genomen. Hij heeft toch thuis ook een kantoorruimte ingericht.’
‘Ja, maar daar zit hij altijd alleen.’
Ze liepen langs het campingwinkeltje een zijlaantje in naar hun kampeerplek.
‘Daar heb je Herman,’ zei Ted.
Soraya’s hart klopte in haar keel. Herman had hen gezien en stak zijn hand op. Hij was helemaal niet haar type, maar waarom kreeg ze het dan telkens zo warm als hij haar aankeek? Waarschijnlijk door zijn ogen, die waren zo sprekend en leken te twinkelen als hij je aankeek. Niet dat het iets uitmaakte, want hij was toch niet in haar geïnteresseerd. Dat kon ook niet anders na gisteravond.
Hij bleef bij Ted en Soraya staan. ‘Dames. Jullie wilden toch de berg trotseren vandaag?’
‘Vanmiddag pas. We hebben net een geestverruimende training achter de rug. Bij mij zijn alle chakra’s weer pico bello in balans,’ zei Ted.
‘Bij jou ook alles weer helder?’ Hij keek Soraya aan met die intense blik.
Soraya voelde dat ze rood werd. ‘Ja. Nou, ehm. Zoiets doe ik normaal nooit, hoor.’
‘Dat dacht ik al,’ zei Herman en zijn mondhoeken kropen omhoog. ‘Ik zat je maar te plagen.’
Ze lachte als een boer met kiespijn. ‘Beetje stom wel, hoe ik me heb gedragen.’
‘Ach meid, stel je niet aan,’ zei hij en hij raakte speels haar schouder aan. Verrassend subtiel voor iemand met kolenschoppen van handen.
‘Wij maken ons zo op voor de grote gletsjertocht,’ zei Ted. ‘Voor Soraya’s koudetraining. We gaan in de gondel naar boven en dan lopen we verder door de sneeuw. Ik ben benieuwd. Volgens mij heb ik er meer zin in dan Soraya.’
‘Ik heb gewoon een ongemakkelijk gevoel bij die coach van ons,’ bekende ze.
Herman fronste zijn wenkbrauwen, waardoor er een rimpel boven zijn neus ontstond. ‘Wat is er met die coach?’

20
‘Hij doet af en toe een beetje vreemd. Ik vind het geen prettig idee dat wij straks met hem alleen op die berg zitten.’
‘Vertrouw je hem niet?’
Soraya dacht even na. Ze wist haar gevoel ook niet zo precies te duiden, het was een zeurend stemmetje in haar achterhoofd dat zei dat Helmut niet helemaal deugde. ‘Ach, ik weet het niet.’ 
‘Dan ga je toch niet,’ zei Herman. ‘Waarom zou je die tocht maken als je er helemaal geen zin in hebt?’
‘We gaan we wel, hoor. Helmut is wat apart, maar hij is geen engerd,’ zei Ted. 
Soraya keek Ted zwijgend aan. 
‘Ik loop even naar het toiletgebouw, ik zie je zo wel bij de bus,’ zei Ted en ze liep weg.
Herman keek Soraya onderzoekend aan. ‘Jij vindt hem dus wel een engerd?’
Soraya beet op haar lip. Het liefst zou ze vanmiddag een wandeling maken met Ted en dan eindigen op een terras. Maar dat kon natuurlijk niet. Ze waren speciaal hierheen gekomen omdat zij zo nodig een ijsbad bij die klotegletsjer wilde nemen. Ted had zich gedoe met Emile op de hals gehaald om met haar mee naar Oostenrijk te kunnen gaan. De gletsjerduik afblazen kon nu echt niet meer. 
‘Je ziet het echt niet zitten, hè?’ vroeg Herman. Ze zag dat zijn lachrimpeltjes waren verdwenen. Hij keek haar bloedserieus aan. ‘Soms moet je vertrouwen op je gevoel.’
Ze knikte. ‘Komt wel goed.’
‘Nou, dan ga ik maar weer verder,’ zei hij, maar hij bleef toch nog even staan. ‘Weet je wat, ik geef je mijn telefoonnummer. Je mag me altijd bellen.’
‘Als wij boven op die berg staan?’
‘Ik kom je zo redden.’ Hij lachte en zijn ogen begonnen te twinkelen. 
Waarom ook niet? Ze pakte haar mobiel uit haar rugzakje en sloeg zijn nummer op. 
Wat gek. Ze kende Herman net zo lang als haar coach, maar met hém zou ze zonder enig probleem de bergen in trekken.

21
Van een afstandje nam Ted Helmut op. Hij maakte een praatje met de ticketverkoper van de gondel. Losjes voorovergebogen met zijn ellebogen op de balie stond hij met de man te praten, schijnbaar ongehinderd door het dikke glas tussen hen in. Gespierde bruine kuiten met lichtblonde haartjes staken onder zijn shorts uit. Dat hij het niet koud had. Maar ja, hij was natuurlijk helemaal ingesteld op extreme kou aan zijn lijf. Ze vroeg zich af waar hij was geweest afgelopen winter, want dit kleurtje en ook zijn natuurlijke highlights konden onmogelijk het resultaat zijn van een Oostenrijkse winter.
Ze stootte Soraya aan, die nogal lusteloos tegen de reling van de trap naar het opstapplateau hing. ‘Doet hij die ijsduiken het hele jaar door?’
‘Afgelopen winter in ieder geval niet, toen zat hij in een ashram in Sri Lanka.’
‘Goh,’ zei Ted. Ze vroeg zich af hoe het zou zijn om licht als een veertje door het leven te zweven, in volledige harmonie met jezelf. Om de winter bij een goeroe ergens in de bergen in Azië door te brengen, en vervolgens weer naar Europa te vliegen om een paar chakra’s in balans te brengen. Ineens wist ze wat haar zo fascineerde aan Helmut. Vrijheid. Hij straalde vrijheid uit.
Een paar dagen geleden had ze Soraya nog voor gek verklaard, maar ze moest toegeven dat ze er inmiddels anders over dacht. Deze workshop was best nuttig. De reikisessie had indruk op haar gemaakt. Misschien was ze spiritueler dan ze dacht, als ze ervoor open zou staan. Meer tijd voor zichzelf zou kunnen maken. Want op dit moment bestond tijd voor zichzelf uit een hazenslaapje op de bank als haar jongste zich eindelijk kon overgeven aan haar middagdutje. Zelfs ‘s avonds kon ze zich tot niets meer zetten en viel ze meestal om half negen op de bank in slaap.
Ze liepen samen naar boven en stapten in de gondel, die deinend op weg naar boven ging. Ted keek naar beneden. Dat ding ging nog best snel, soms rakelings langs dennentoppen en dan weer hoog boven een bleekgroen weiland. Ze zweefden in totale stilte boven de berg.
‘Alles goed, dames?’ Helmut doorbrak de serene stilte met een kwajongensglimlach. ‘Heerlijk om de bergen in te gaan, zeker met zo’n mooi gezelschap.’ Hij gaf Ted een knipoog.
Ted voelde dat ze bloosde. Soraya zat tegenover Ted op het bankje naast Helmut en ze staarde Ted verbaasd aan.
De gondel zweefde het bergstation binnen en de deuren gingen open, precies lang genoeg om uit te kunnen stappen. De kou sloeg Ted in het gezicht. Het was alsof ze een vriescel in was gelopen. Ze trok haar kraag iets omhoog.
‘Wat is dat met jou en Helmut?’ fluisterde Soraya haar toe op weg naar buiten. ‘Volgens mij vindt hij je wel leuk. En jij wordt knalrood als hij je aankijkt.’
‘Geen idee waar je het over hebt, hoor. Er is niets aan de hand.’

22
Voor het bergstation was een veld met hier en daar een plukje taai gras, waarvandaan ze verschillende paden konden nemen. Een breed grindpad slingerde door het berglandschap. De weides waren nog vaalgroen en hier en daar lagen sneeuwresten. Het uitzicht op het dal was adembenemend, vond Ted.
Soraya’s telefoon ging over. Fronsend keek ze naar de display en stopte het ding toen weg.
‘We volgen dit pad ongeveer een uurtje om bij de voet van de gletsjer aan te komen.’ Hij keek Soraya aan met een scheef lachje. ‘jullie mogen van mij nu al een bikini aantrekken.’ 
‘Nou, nee bedankt,’ zei Soraya en ze sloeg haar in een winterjack gestoken armen even over elkaar.’
Ze gingen op weg en het viel Ted meteen op dat Helmut een lekkere kont had. Niet verkeerd om naar te kijken tijdens deze barre tocht. 
Soraya’s telefoon ging weer over en toen ze de beller wegdrukte begon het toestel meteen weer te rinkelen.
‘Sorry hoor,’ zei ze en vervolgens fluisterde ze tegen Ted: ‘Het is Herman, ik weet niet wat hij wil.’
‘Je zou op kunnen nemen om het hem te vragen.’
‘Dat zal Helmut niet waarderen. Ik zet mijn telefoon op stil en bel Herman straks wel terug.’
‘Lukt het een beetje, dames?’ riep Helmut over zijn schouder. ‘Met dat getreuzel van jullie zijn we pas boven als het donker wordt.’
‘Je zou niet zeggen dat ik voor deze trip betaald heb,’ zei Soraya chagrijnig tegen Ted en ze versnelde haar pas. 
Poeh. Het was overduidelijk dat Ted echt eens iets meer aan sport moest gaan doen. Hijgend volgde ze Soraya en Helmut, die zo fris als een hoentje de berg bestormden. Soraya als fitgirl en Helmut die de pijn vast op een of andere manier uit kon schakelen. Telkens weer sloegen ze een nieuw weggetje in en Ted was binnen de kortste keren haar gevoel voor richting kwijt.
‘Is het nog heel ver?’ vroeg ze na een tijdje. 
‘Klein stukje nog,’ zei Helmut. ‘Ik kan niet wachten tot we uit de kleren gaan.’
Misschien had Soraya het toch niet helemaal mis met haar achterdocht jegens Helmut. Maar ach, ze waren met z’n tweeën, wat kon er nou gebeuren?
‘Weet je wat? Nu is het moment.’ Helmut gooide zijn rugzak op de grond en begon zich uit te kleden. ‘Kom, jullie ook. We zijn er bijna.’

23
‘Maar het is hartstikke koud. Ik dacht eigenlijk dat we ons bij het water zouden uitkleden?’ zei Soraya met een klein stemmetje, maar ze deed toch haar rugzak af.
‘Ik ben hier niet blij mee,’ zei Helmut met een grimmig gezicht. ‘Helemaal niet blij. Je hebt lang genoeg de tijd gehad om hier over na te denken en je voor te bereiden.’ Hij draaide zich om naar Soraya en priemde met zijn wijsvinger naar haar. Hij stond daar midden in de sneeuw, met alleen een zwembroek aan en een muts op.
‘Je hebt je aangemeld voor een koudetraining, maar nu het erop aankomt blijf je liever in je dikke jas rondlopen. Er zijn drie pijlers van deze ervaring: ademhaling, koudetraining en mindset,’ zei hij. ‘En daar, bij de mindset, zit jouw probleem. Je zegt wel dat je dit wilt, maar jouw onderbewustzijn wil dit helemaal niet.’
Soraya trok haar jas en trui gauw uit en stond tegenover Helmut in haar bikinibovenstukje. Ze had kippenvel en er verschenen rode vlekken op haar huid.
‘En jij?’ vroeg Helmut.
‘Nou, ik ben geen actief lid bij dit evenement hoor,’ zei Ted.
‘Ja, maar je hebt gezegd dat je graag mee wilde, dus dan dóé je nu ook mee.’
Ted liep koppig langs Helmut en Soraya verder richting het ijsmeertje, dat nu echt niet ver meer kon zijn. Was hij nu potverdorie helemaal gek geworden? Ze ging hier toch niet in haar onderbroek door de sneeuw lopen? Ze schrok toen ze Helmut tierend achter zich aan hoorde komen. 
‘We doen nú onze kleren uit. Dat hoort bij het concept.’
‘Rot op met je concept. Ik ga naar huis,’ zei Ted. ‘Trek je trui weer aan, Soraay. Hier gaan we niet aan meedoen.’
Soraya was duidelijk overrompeld door de situatie, ze stond te rillen met haar trui in haar hand. 
‘Naar huis. Vergeet het maar. Jullie gaan het water in. En anders wens ik jullie veel succes met het vinden van de weg naar huis.’ Hij draaide zich om en liep verder.
Ted liep naar Soraya toe, die nog steeds als een standbeeld stond te bevriezen in haar bikinitopje.
‘Laat hem maar gaan, die idioot. Kom, trek dit aan. We lopen terug.’ 
‘Maar we weten de weg toch helemaal niet?’ bibberde Soraya. Ze liet gewillig toe dat Ted haar de trui over het hoofd trok.
‘Zo moeilijk kan het niet zijn, we vinden het vast wel, zo ver is het niet.’
Soraya ritste met trillende handen haar jas dicht. 
‘Slecht plan, dames,’ klonk Helmuts stem.

24
Helmut stond dreigend tegenover hen. Zijn haar plakte aan zijn voorhoofd en hij keek hen verwilderd aan.
‘Ik stop ermee. Ik wil die hele duik niet meer maken. We gaan terug, Helmut,’ zei Soraya.
‘Nee.’
‘Laat ons nou gewoon gaan,’ zei Ted.
‘Waarom zijn jullie nu opeens veranderd in twee truttige ik-durf-niet-meertypes? We gaan zwemmen.’ Zijn gezicht was rood en in zijn mondhoeken verzamelden zich vlokjes speeksel.
‘Hij is echt knettergek,’ fluisterde Ted. 
‘Laat ons met rust!’ riep Soraya luid. 
En toen gebeurde er ineens heel veel. Helmut zette nog een stap in hun richting. Vanuit haar ooghoeken zag Soraya een donkere gestalte naderen. Ze deinsde achteruit en een man in het zwart stormde langs haar.
‘Oprotten! Nu,’ zei de man met een zware stem en hij gaf Helmut een duw. Helmut viel achterover in de sneeuw. Toen krabbelde hij op en liep op een drafje verder richting de gletsjer.
De man draaide zich om en Soraya keek recht in de blauwe ogen van Herman, die hijgend voor hen stond. Hij veegde langs zijn neus. ‘Kom,’ zei hij en hij sloeg een arm om Soraya’s schouders. Soraya keek om, om te zien of Helmut niet onverwachts terug zou komen, maar hij was al uit het zicht verdwenen.
Herman ademde zwaar en Soraya leunde een beetje tegen hem aan, zodat ze aan hem kon snuffelen. Hij rook naar zeep, vermengd met het leder van zijn jas.
‘Ik heb het hele stuk vanaf de gondel gerend,’ zei Herman.
‘Waarom?’
‘Jullie waren net weg toen ik iemand sprak van een camping een dorp verderop. Ik informeerde naar Helmut en het blijkt dat hij er nogal twijfelachtige praktijken op nahoudt.’
‘Wat dan?’
‘Hij heeft helemaal geen licenties als coach of trainer. Hij doet maar wat. Het is een kwakzalver.’
‘Meen je dat nou?’ vroeg Ted. ‘Maar hoe ben jij dan bij hem terechtgekomen, Soraay?’
‘Internet,’ mompelde Soraya. ‘Het zag er allemaal heel professioneel uit. Ik werd pas achterdochtig toen bleek dat ik de enige cursist was.’
‘Hij vindt kennelijk regelmatig mensen die een wandeling bij hem boeken. Volgens de campingbaas biedt hij allerlei spirituele belevenissen op de berg aan. Contact opnemen met een andere dimensie, reiki-inwijdingsrituelen, paranormale fotografie, maar ook kruidentochten en meer van dat soort dingen. Kennelijk houdt hij de trends een beetje in de gaten en speelt hij daar handig op in.’
‘Maar dat verklaart nog niet waarom hij zo vervelend werd,’ zei Ted.
‘Hij is een charlatan, misschien was hij bang ontmaskerd te worden. Geen idee.’

25
‘Het was me wel een dagje,’ zei Soraya tegen Ted.
‘Nou, ik ga eerst eens een lange warme douche nemen.’
Ze keek Ted na, die in de richting van het toiletgebouw verdween. Ze waren al een tijdje weer terug op de camping, maar het debacle met Helmut was Soraya niet in de koude kleren gaan zitten.
‘Denk je dat hij ons wat had aangedaan, als Herman niet was gekomen?’ had ze aan Ted gevraagd. Ted had haar schouders opgehaald en gezegd dat het geen zin had om daaraan te denken, omdat ze tenslotte niet iets écht vervelends hadden meegemaakt. Soraya had alleen haar ijsduik niet gemaakt. Het voelde stom, omdat ze er wekenlang naartoe had geleefd. 
‘Hé, hoe gaat het hier?’ klonk een warme stem. Soraya draaide zich om. Herman had zijn leren jas verruild voor een schipperstrui. Hij leek weggelopen te zijn uit een of andere reclame, zo goed stond het hem.
‘Gaat wel hoor. Heb je Helmut nog gezien?’
Er verschenen lachrimpeltjes rond Hermans ogen. ‘Ik geloof niet dat hij hier nog opduikt.’
‘Ongelooflijk dat ik er zomaar in ben getrapt. Ik dacht echt dat hij verstand had van wat hij deed. Ik heb al soortgelijke workshops gedaan in Nederland en zijn trainingsmethoden verschilden niet van wat ik daar deed. Wat ademhalingstechnieken betreft en zo. Ik had geen bijzonder goed gevoel bij hem, maar dat hij zo’n bedrieger was, had ik niet door.’’
‘Wat heet bedrieger? Het is geen beschermd beroep. Dat is ook het probleem, hij heeft niets strafbaars gedaan. Maar in deze regio is hij in ieder geval niet meer welkom. Zo ongeveer iedereen hier wil hem eens goed de waarheid te zeggen.’
‘Echt? Wat een betrokkenheid.’
‘Slecht voor het imago, ze zijn er scherp op dat het toerisme geen schade ondervindt van zulke droeftoeters.’
Soraya schoot in de lach. Herman keer haar aan met die kenmerkende pretogen. . Hij fronste zijn wenkbrauwen kort en toen pas had ze in de gaten dat ze hem aan stond te staren. 
‘Wat ik eigenlijk wilde vragen,’ zei hij. ‘is of jullie vanavond met ons mee willen eten. De barbecue wordt zo aangestoken.’
‘Wat lief. En lekker. Maar hebben jullie wel genoeg dan?’
‘Er is vlees en ik geloof dat Miranda in de weer is met maiskolven en aubergines. In ieder geval is er genoeg om de hele camping de komende drie dagen van eten te voorzien.’
Soraya keek even naar hun campingtafeltje, waar een zakje quinoa en een rode paprika lagen te wachten. Het was haar beurt om te koken en nu ze erover nadacht, was het eigenlijk een perfect plan om zich aan te sluiten bij de barbecue van de buren. En dat kwam niet alleen door de leuke buurman, hield ze zichzelf voor.
‘Nou, in dat geval komen we graag. Dank je.’ Ze zou Ted wel overhalen. 
Hij kwam wat dichterbij staan. Zo dichtbij dat ze hem kon ruiken. 
‘Leuk, tot zo dan maar,’ zei hij en hij draaide zich snel om.

26
Ted en Soraya liepen de grote tent van de motorclub in, waar het al een drukte van jewelste was. In leren pakken gehulde lijven baanden zich een weg naar de barbecue, die opening van de tent stond. De hoeveelheid vlees die op de roosters lag was werkelijk indrukwekkend en de geur van allerlei kruiden omringde hen.
Vanuit de menigte dook Herman plotseling op.
‘Ik stond al op de uitkijk naar jullie, goed dat jullie er zijn.’ Hij lachte verontschuldigend. Soraya kreeg het warm van zijn blik en wist even niet meer wat ze moest zeggen.
‘Pak een bord en haal wat lekkers, zou ik zeggen. We hebben een tafel in de hoek. Miranda is er ook en we hebben plekken voor jullie vrijgehouden. Kan ik ondertussen iets te drinken voor jullie halen? Biertje?’
‘Graag.’
Alleen al de gedachte aan bier gaf Soraya een bittere smaak in haar mond en ze schudde haar hoofd.
‘Voor mij alleen water dit keer. Ik drink eigenlijk nooit alcohol en sinds gisteren weet ik weer waarom.’
‘Ik heb er niets op tegen om je weer naar je bed te moeten dragen, hoor.’ Hij gaf haar een knipoog en draaide zich om.
‘Meisjes toch,’ riep Miranda uit toen Ted en Soraya met volle borden bij de tafel aankwamen. ‘Wat een toestand vanmiddag, hè? Jullie gaan toch wel aangifte doen tegen die kwakzalver?’
Ted en Soraya keken elkaar verbaasd aan. ‘Aangifte?’
‘Ja, dit kan toch niet?Het is gewoon bedrog!’
Ted schudde haar hoofd. ‘Hij was duidelijk een beetje de weg kwijt.’
‘Hij wilde zelfs dat jullie je uitkleedden!’
‘Het was meer een wanhopige poging om zijn workshop te laten slagen, geloof ik. En wij hadden het al snel gezien daar in die sneeuw. En toen hij zo raar ging doen had Soraya er helemaal geen zin meer in. Nu gaat ze maar mooi in Nederland in zo’n plastic bad vol ijsklontjes zitten.’
Soraya rolde met haar ogen, maar ze zei niets. Herman kwam eraan met hun drankjes. Hij ging op de vrije plek naast Soraya zitten. Hun armen raakten elkaar zachtjes aan. Hij voelde zo warm aan dat ze het liefst dicht tegen hem aan zou kruipen. Ze nam een slok koud water om die gedachten te verdrijven en ging met Miranda in gesprek over de groenten die ze voor de barbecue had klaargemaakt.
‘Heerlijk, die kruiden. Je moet me echt vertellen wat je in de marinade hebt gedaan, ik ben altijd op zoek naar nieuwe recepten,’ zei ze.
‘Miranda maakt heerlijke dingen,’ zei Herman.
Miranda wuifde zijn compliment weg. ‘Hoor wie het zegt. Meisjes, Herman kan echt voortreffelijk koken. Hij kan van helemaal niets een vijfsterrendiner maken.’
Soraya keek hem van opzij aan. Koken kon hij dus ook nog.
‘Heb je daar dan wel tijd voor?’vroeg Ted. ‘Als dierenarts heb je het toch hartstikke druk?’
‘Ik werk in een kliniek. Dat is wat anders dan wanneer je een eigen praktijk hebt. Natuurlijk draai ik veel uren, maar de verantwoordelijkheid rust niet alleen op mijn schouders.’
Een man met dun witgrijs haar en een grote snor kwam tussen de tafels door gelopen.
‘Het kampvuur is aan,’ zei hij luid.
Herman glimlachte breed. ‘Kom mee. Er gaat niets boven een mooi vuurtje.’ Hij pakte Soraya’s hand.

27
Herman en Soraya zaten naast elkaar naar het vuur te staren. Dansende vlammen die grillig verkleurden van geel naar oranje en zo nu en dan knisterende vonken omhoog spuwden. Ze waren met z’n tweetjes overgebleven. Alle anderen waren in hun tentjes verdwenen en het was stil op de camping. Zelfs Ted had zich naar het busje begeven met de mededeling dat ze moe was en morgen fit moest zijn voor de reis naar huis.
Herman pookte met een lange stok in het vuur. Soraya’s wangen gloeiden van de warmte. Ze keek naar Hermans gezicht in het gouden licht van de vlammen.
‘Ik heb je nog niet eens bedankt,’ zei ze zacht.
Fronsend keek hij haar aan. ‘Waarvoor?’
‘Dat je er was vanmiddag.’
Zijn arm gleed om haar schouders. ‘Graag gedaan. Je moet me beloven dat je niet nog eens met de eerste de beste klojo de vrije natuur in gaat. De volgende keer ben ik er misschien niet om je te redden.’
Ze keek hem aan. Zijn gezicht was heel dichtbij. Hij trok haar nog iets verder naar zich toe, zodat hun neuzen elkaar raakten.
‘En er zijn mannen die maar al te graag misbruik maken van zo’n situatie,’ mompelde hij. Ze sloot haar ogen. Haar lippen prikten, ze wachtte op het moment dat hij haar zou zoenen. Bijna deed hij het. Zijn lippen raakten de hare, maar dwaalden toen verder. Hij gaf haar een kus op haar wang.
Toen liet hij haar los.
‘Hoe laat vertrek je morgen?’ vroeg hij.
‘Vroeg. Ted vertrouwt het thuis niet helemaal en volgens mij staat ze in de startblokken om terug te rijden naar Nederland. Ik denk dat we meteen na het ontbijt gaan.’
Even zaten ze in stilte naast elkaar. Ze wist niet wat ze moest zeggen. Opstaan en naar bed gaan? Ze wilde dat dit moment nog even duurde. Ze vond hem leuk. Echt leuk. Maar hoe maakte je dat een man duidelijk zonder jezelf voor schut te zetten? Want hij vond haar misschien wel niks. Nou ja, niet helemaal niks, anders zou hij hier niet zo met haar onder de sterren zitten.
‘Je hebt mijn telefoonnummer,’ probeerde ze en er kwam een vreemde giechel achteraan.
‘Ja.’
‘Wanneer ga je terug naar Nederland?’ Misschien kunnen we wat afspreken, dacht ze er achteraan.
‘Niet.’
Haar hoofd schoot omhoog. ‘Niet? Hoe bedoel je?’
‘Ik ben net begonnen aan een sabbatical. Ik ga vanuit Oostenrijk door naar zuiden. Over een week of vier wil ik in Marseille de boot op.’
‘De boot op?’
‘Ja, met een vrachtschip mee.’
‘Waarheen dan?’
Hij haalde zijn schouders op. ‘Weet ik nog niet precies. Het avontuur tegemoet.’
‘Jeetje.’ Weer viel er een stilte. ‘Dan zien we elkaar dus nooit meer.’
‘Nooit meer is nogal dramatisch uitgedrukt. En de wereld is klein. We zouden ergens af kunnen spreken. Maar goed, de komende twee jaar ben ik wel zo’n beetje weg, ja.’
Soraya probeerde haar teleurstelling te verbergen. ‘Spannend, hoor. Een lange tijd wel.’
‘Zeker.’ Hij stond op. ‘Wil jij nog wat drinken?’
‘Nee, ik ga liever slapen.’

28
Ted stuurde Nelson over de Duitse Autobahn. Ze waren net de grens gepasseerd en Soraya had de hele rit nauwelijks iets gezegd. Ted vermoedde dat het iets te maken had met Herman. Soraya was veel later dan zij naar bed gegaan en al die tijd had ze met Herman bij het vuur gezeten.
‘Je bent zo stil,’ probeerde Ted.
Soraya haalde haar schouders op en keek naar buiten.
‘Wil je erover praten?’ 
Een diepe zucht.
‘Ben je soms verliefd of zo?’
‘Nee.’
‘O.’ Ted concentreerde zich weer op de weg en haalde een Oost-Europese vrachtwagen in die met een slakkengangetje over de rechterbaan reed. Nog een paar uurtjes, dan was ze weer thuis. Eigenlijk had ze met Emile afgesproken dat ze morgen pas thuis zou komen, omdat ze had gedacht dat ze veel later zouden vertrekken en 
in Duitsland zouden overnachten. Maar ze was onrustig. Er was iets aan de hand. Ze wist niet precies wat, maar ze had het gevoel dat ze dringend met Emile moest praten. Hij was afwezig en afstandelijk aan de telefoon. Ze wilde naar huis. 
‘Weet je wat het is,’ zei Soraya. ‘Er zijn helemaal niet zoveel leuke mannen.’
Ted schoot in de lach. ‘Wat een onzin. Er zijn hartstikke veel leuke mannen.’
‘Niet. De écht leuke zijn bezet. Of ze gaan twee jaar lang op wereldreis.’
Nu kwam de aap uit de mouw. ‘Herman gaat op wereldreis?’
‘We zaten gisteren zo romantisch bij elkaar en ik dacht, ik dacht gewoon: dit zou hem weleens kunnen zijn. Hij had zo’n beetje alles wat ik zoek in een man. En dan dit.’ Haar stem trilde.
‘Shit, Soraya. Wat rot.’
‘Ik dacht dat we een klik hadden. En, nou, ik weet eigenlijk wel zeker dat hij dat ook voelde. We zaten nota bene bijna te zoenen bij het vuur. En toen kwam hij met het nieuws dat hij pas over twee jaar weer terug naar Nederland komt.’
‘Maar als je hem echt leuk vindt…’
‘Ach, schei toch uit. Dat werkt toch niet?’
‘Tja, als je dat van tevoren al zegt.’
‘Ik ben niet op zoek naar een avonturier die zijn eigen weg gaat.’
‘Huisje, boompje, beestje dan? Jij? Dat geloof ik niet.’
‘Misschien niet nu meteen, maar uiteindelijk toch wel.’
‘En nu?’
‘Nu niets. Ik dacht echt even dat er iets bijzonders aan het ontstaan was. Maar ik ga mezelf niet voor de gek houden. Dit was gewoon een bizar weekend, dat totaal anders verliep dan ik had verwacht. Vanaf morgen is alles weer normaal en voorspelbaar.’
‘Ik hoop bij mij ook.’
‘Hoezo? Deed Emile nou alweer raar?’
‘Ik krijg geen hoogte van hem. Ik kan niet wachten om hem te zien.’

29
Ted liep door de tussendeur van de garage naar de bijkeuken. Nelson had het gehaald. Tijdens de laatste paar kilometer was er een rood lampje gaan knipperen, maar ze waren veilig thuis. Het voelde alsof ze een hele week weg was geweest. Ze zette haar tas bij de wasmachine. Daar zou ze zich morgen wel om bekommeren. Ze voelde zich op een eigenaardige manier zenuwachtig toen ze naar binnen ging. Er hing iets vreemds in de lucht. Was Emile nog steeds boos op haar omdat ze een weekend weg was gegaan? Of had hij het gewoon echt zo ontzettend druk?
In de woonkamer trof ze in plaats van Emile haar buurmeisje aan.
‘Hé Suzanne, is Emile weg?’
‘Ja, hij vroeg of ik vanavond kon oppassen. Hij moest overwerken.’
Ted dacht snel na. ‘Heb jij nog tijd om hier wat langer te blijven?’
‘Ja hoor, we hadden afgesproken dat ik tot tien uur zou blijven.’
‘Oké. Ik ga even langs bij Emile.’ Eerst liep ze naar boven en glipte de kamers van de meisjes in, die allebei vredig lagen te slapen. Dat was dus allemaal in orde.
Ze had een plannetje en daarmee zou de lucht meteen geklaard zijn tussen haar en Emile. Praten kwam later wel, maar ze wilde nu eerst voelen dat het goed zat tussen hen.
Even later stapte ze in haar auto en reed naar Emile’s kantoor. Op de bijrijdersstoel lag een fles rode wijn met twee glazen. Ze had het afgelopen weekend besloten dat ze vaker spontaan leuke dingen moest doen. De trip naar Oostenrijk had haar nieuwe energie gegeven. Nu pas zag ze in dat ze de afgelopen jaren in een sleur was terechtgekomen . Eigenlijk was haar leven best saai en het was de bedoeling dat daar verandering in kwam.
Ze parkeerde bij het kantorencomplex waar Emile zijn kantoorruimte huurde. Het licht in zijn kantoor brandde nog en verder was op een enkel raam na alles donker. Logisch, de meeste mensen waren allang naar huis. Emile werkte hard en Ted had haar luxeleventje aan zijn inzet te danken. Dat wist ze donders goed en het was belangrijk dat ze vaker iets voor hen tweeën planden om te investeren in hun relatie. Misschien moesten ze binnenkort de kinderen een weekendje naar Emile’s ouders brengen en samen een stedentrip maken. Naar Oslo bijvoorbeeld, of Dublin of Barcelona, ergens heen waar ze nog nooit eerder waren geweest.
Ze liep van de auto naar de ingang van het gebouw, met in haar ene hand de fles wijn en in de andere de glazen. Het ging niet zo snel, ze had de pumps aan die Emile zo mooi vond en die hadden een hak van tien centimeter. Een frisse wind speelde om haar blote benen. Eigenlijk was het weer voor een dikke spijkerbroek en een koltrui, maar voor de liefde moest je iets over hebben. Emile zou nooit van haar verwachten dat ze slechts gehuld in een lange jas bij zijn kantoor op zou duiken.
Ze had geluk: een man met een aktetas liep de voordeur uit en ze kon zonder aanbellen naar binnen glippen. Op Emile’s verdieping aangekomen liet ze haar jas openvallen en ze haalde een hand door haar haren. Ze draaide de dop van de fles wijn en stopte die in haar jaszak. Wat zou Emile zeggen als hij haar zag? Zoiets had ze nog nooit gedaan. Met bonzend hart zwaaide ze de deur van zijn kantoor open.
Als versteend bleef ze staan.
Emile had niet eens in de gaten dat ze binnen was gekomen. Verstomd staarde Ted naar het tafereel dat zich voor haar afspeelde. Twee naakte mensen bovenop het bureau. Emile hing met een bezweet hoofd boven zijn assistente. Emile. Háár Emile.
Van schrik liet Ted de wijn uit haar handen vallen. Toen pas schoot Emile’s hoofd omhoog. Alsof hij zich aan zijn assistente brandde sprong hij overeind.
‘Ted! Wat doe jij hier?’ De schrik was van zijn gezicht te lezen.
Ted sloeg snel de panden van haar jas dicht. Voor haar op de grond verspreidde zich een rode wijnvlek op het tapijt.
Ted sloot haar ogen. Ze begon te rillen over haar hele lijf. Gebeurde dit echt? Wat een cliché. Dit kon niet waar zijn. Ze deed een pas naar achteren, draaide zich om en rende op haar hoge hakken de deur uit.

30
Soraya deed de deur open en Ted stoof naar binnen.
‘Wat is er met jou aan de hand?’
Ted liep door naar Soraya’s woonkamer en plofte neer op de bank. Stil zat ze voor zich uit te staren, de tranen druppelden op haar jas.
‘Ted?’ Soraya toverde een pakje zakdoekjes uit een la tevoorschijn en gaf ze aan haar. ‘Emile gaat vreemd.’ Ted depte haar ogen en snoot haar neus.
‘Nee, joh. Waarom denk je dat?’
‘Omdat ik hem zojuist op heterdaad heb betrapt. Boven op zijn assistente.’
Soraya ging gauw naast Ted zitten en sloeg een arm om haar heen. Ze begon te snikken. 
‘Ik wist wel dat er iets aan de hand was. En ik dacht, dat ik, als ik, nou ja, ik wilde hem verrassen. Dus ben ik zo naar zijn kantoor gegaan.’ Ze wees naar de lange regenjas. ‘Naakt. Ik dacht, we hebben gewoon een verzetje nodig. Dus in plaats van te gaan zitten zeuren wilde ik hem met een vrijpartij overrompelen. Want zoiets heb ik nog nooit gedaan.’
‘Meisje toch,’ fluisterde Soraya. ‘Wat een klootzak.’
‘Heb jij kleren voor mij?’
‘O ja. Natuurlijk.’ Soraya stond op en kwam even later terug met een joggingbroek en een shirtje. 
‘Ik ben zo’n dom schaap,’ snotterde Ted terwijl ze de kleren aantrok. Ze had het zo in elk geval niet meer zo koud. 
Soraya kwam met een grote kop thee aanzetten die Ted dankbaar aanpakte. Ze vouwde haar handen om het warme porselein. 
‘Dit weekend was nogal een plottwist,’ mompelde Ted.
‘Zeg dat wel.’
‘En nu?’
‘Nu weet ik het even helemaal niet meer. Hoe moet het nu verder, Soraay?’
Soraya bleef stil. 
‘Moet ik scheiden? Dat kan ik de meisjes toch niet aandoen?’
‘Ho ho, jij bent niet degene die vreemd is gegaan, hè. Laten we dat even vooropstellen.’
‘Misschien had ik een beetje beter mijn best moeten doen.’
‘Hou op met die onzin.’
‘Ik was altijd maar moe, had nooit ergens zin in.’
‘Niet zo gek als je twee kleine kinderen hebt, van wie er eentje een nachtbraker is. Ted, ga jezelf nou geen schuldgevoel aanpraten. Emile is verantwoordelijk voor zijn daden, en ik ben heel benieuwd met welke verklaring hij komt.’
‘Maakt het wat uit, dan?’
‘Weet ik niet.’
‘Hij heeft een affaire met zijn assistente. Ik vermoed dat het al een hele tijd speelt. Die avonden overwerken, al die zakenreisjes die ze samen maakten. Ik ben zo stom geweest. En weet je wat het ergste is?’
‘Nou?’
‘Hij heeft hiermee alles wat we hadden kapotgemaakt. De hele basis is ingestort. Ik kan hem nooit meer vertrouwen. Telkens als hij op pad gaat zal ik me zorgen maken. En daar pas ik voor.’
‘Snap ik wel. Maar als hij nog een poging wil doen jullie relatie te laten slagen, wat dan?’ Soraya gaf haar een knuffel. ‘Het is nog zo vers. Jullie kunnen misschien weer nader tot elkaar komen, na verloop van tijd?’
‘Voor de meisjes. Misschien wel.’ Ted keek Soraya aan. ‘Ik weet niet wat ik moet doen.’

Nieuwsgierig naar meer? Klik hier om de De flirtcursus direct te kopen.

Volg Laura de koning ook op Facebook.