| |

|
|
| |
Moeten vrouwen bitches zijn?
Aan het begin van de volgende zitting is er iets veranderd. Dorothée en Juan komen anders binnen. Ze raken elkaar aan. Ze lachen meer, ook naar elkaar. Na een kwartier zegt Dorothée tegen Juan dat hij iets mooi heeft gezegd. Juan geeft haar daarop een liefhebbend klopje op de knie. ‘Wat is er veranderd?’ zeg ik verbaasd. ‘Het gebeurde in de vorige zitting,’ zegt Dorothée. ‘Juan vroeg me wat hij kon doen om het goed te maken. Dat had hij me nog nooit gevraagd. Alleen al die vraag maakte veel goed voor mij.’ ‘Daarna hebben we op allerlei andere manieren geprobeerd om het goed te maken,’ zegt Juan grinnikend. Hij geeft me nog net geen knipoog. Dorothée heft haar ogen hoofdschuddend ten hemel. ‘Seks heeft er weinig mee te maken, Juanito,’ zegt ze. ‘Maar het is alsof ik gerustgesteld ben. Ik weet nu dat jij me geen pijn wilt doen als je met je ex belt, of als jullie elkaar zien om over jullie kinderen te spreken.’ ‘Ik hou van jou, dat begrijp je eindelijk,’ zegt Juan. ‘Jawel, maar je houdt ook van haar. Op een andere manier. Vorige keer begreep ik ineens dat jouw gevoelens voor haar niet bedreigend zijn voor mij.’ Juan zegt even niets. Een wijze beslissing. Nu blijft het een moment stil, maar de stilte is anders dan aan het begin van onze eerste ontmoeting. Juan en Dorothée zijn verzonken in hun eigen gedachten en ze staan elkaar ook toe om dat te doen. Gelukzalig zijn de stellen die samen rustig kunnen zwijgen. Dan besluit ik om mijn geld te verdienen op een andere manier dan door alleen maar mijn mond te houden. Ik vraag aan Juan of hij, behalve dan aan de seks, nog aan andere dingen heeft gemerkt dat er iets is veranderd. Als er eenmaal verandering optreedt in een relatietherapie, heeft de therapeut de plicht de deelnemers daarop te wijzen. ‘O ja,’ zegt hij spontaan, ‘Dorothée belt me véél minder. Vroeger belde ze me wel tien keer per dag, nu misschien één, twee keer.’ ‘Wat betekent dat, volgens jou?’ Juan kijkt even opzij, naar zijn geliefde, en glimlacht. ‘Dorothée vertrouwt me.’ ‘O nee, vergeet het maar!’ zegt Dorothée meteen. ‘Mannen komen van Mars, daar weet ik alles van. Ik weet dat je van je ex houdt op een verstandige, volwassen manier, maar je moet je geen ideeën in je kop halen. Ik houd je in de gaten.’ ‘Aha, daar ben je weer,’ zegt Juan. ‘Mijn lieve bitchy baby.’ ‘Jouw bitchy baby is nooit weg geweest, hoor.’ Hun gesprek verloopt op humoristische toon, alsof ze een grap maken. Maar het is een grap met een serieuze kern. En nog iets anders valt me op. ‘Wat bedoelde je, Dorothée, met: “Ik weet alles van mannen die van Mars komen”? Heb je veel ervaring met Mars-mannen?’ ‘Nou ja, veel ervaring... Ik heb ervaring met mijn vader.’ Dorothée vertelt dat ze is opgegroeid als enig kind. Haar vader was weinig thuis en bracht weinig tijd met haar door. ‘Hij zag me alleen staan als ik ziek was, of als ik een slecht rapport had of zoiets. In mijn herinnering bestaat mijn hele jeugd uit één lange vraag om aandacht en die aandacht kwam alleen op een negatieve manier.’ ‘Dat lijkt op jullie situatie, tot een paar weken geleden,’ zeg ik. ‘Ja, misschien...’ Dorothée staart uit het raam. ‘Misschien kreeg Juan in die tijd iets op zijn brood wat daar eigenlijk niet hoorde,’ zeg ik. ‘Misschien hoorde dat wel op je vaders brood. Misschien sleep je al heel lang een oude kwestie met hem met je mee.’ ‘Ja, misschien,’ zegt Dorothée. Ze klinkt afwezig, alsof ze het er verder niet over wil hebben. Nu niet. Misschien wil ze er eerst thuis over nadenken. Juan heeft peinzend zitten luisteren naar het laatste gedeelte van het gesprek. Bij het weggaan zegt hij: ‘Vandaag heb ik iets nieuws gehoord. Dorothée heeft iets gezegd wat ik niet wist en ik heb iets nieuws bedacht.’ ‘Wat dan?’ zegt Dorothée. Ze doet haar jas al aan. ‘Ik heb je nooit gevraagd wie je was voordat wij elkaar leerden kennen,’ zegt hij. Dan krijg ik een hand en stappen ze de gang op.
|
|
|
|
 |
| |
|
|
FICTIE - BOEKEN - TITELINFORMATIE |
|
|
|
 |
|
|