| |

|
|
| |
De Herkauwer
Hij kan niets ongemerkt voorbij laten gaan. Geen woord, geen daad, geen beeld, niks ontsnapt aan zijn aandacht of verdampt uit zijn geheugen. Zijn ogen priemen en zijn oren zijn immer gespitst. Hij blinkt uit in discussies omdat hij alles feilloos onthoudt en met elkaar weet te verbinden. En hij heeft iets wat mensen aantrekt. Dat zit ’m in zijn heldere oogopslag en zijn scherpe blik. Hij geeft mensen het gevoel hen te doorzien en daarmee maakt hij hen bijzonder. Hij streelt ego’s met één woord, een blik. Op feestjes gaan mensen onwillekeurig in zijn buurt staan. Degene die uitverkoren wordt om van kennis naar vriend te promoveren verkeert een paar maanden in een eufore roes, zijn leven heeft een nieuwe glans gekregen door de mogelijkheden die zijn nieuwe vriend in hem ziet. Langzaam krijgt die glans iets grimmigs. Niet alleen ziet hij iemands mogelijkheden, ook beperkingen blijven niet onopgemerkt. En met die beperkingen, die menselijke tekortkomingen, kan hij slecht uit de voeten. Kom je een keer te laat, vergeet je een keer geld terug te betalen of maak je per ongeluk een opmerking die verkeerd kan worden uitgelegd – alles noteert hij in zijn mentale zwartboek. En daar blijft het niet bij. Hij komt er op terug, altijd. Zijn vriendschappen zijn in de regel dan ook geen lang leven beschoren. In de liefde ligt het complexer. Het kostte hem, vanzelfsprekend, geen moeite een vrouw voor zich te winnen. Maar toen kwam het erop aan haar te houden. Daar deed hij alles voor, en met succes: hij is nog steeds samen met zijn middelbareschoolliefde. Zij was het mooiste meisje uit de klas, een meisje dat balanceerde tussen toegankelijkheid en onbereikbaarheid en dat daarmee op alle klasgenootjes, jongens en meisjes, een sterke aantrekkingskracht uitoefende. Toen ze beiden zestien waren vormden ze het gouden paar van de school. Er kwamen kinderen, er werd aan carrières (zij advocaat, hij notaris) gebouwd, er werden huizen gekocht, huisdieren begraven, verjaardagen gevierd, examens gehaald. Daartussendoor werd er vooral getreurd en geklaagd. Door hem. Over haar. Hoe verliefd hij ook nog steeds op haar is, hij blijft zich aan haar ergeren. Het gaat om kleine dingen. Dat ze het moeilijk vindt om mensen af te wijzen waardoor ze vaak haar heil zoekt in een leugentje. Dat ze een gat in haar hand heeft. Slordig is in het huishouden. Chaotisch in haar sociale leven, ze maakt regelmatig dubbele afspraken waardoor ze mensen moet teleurstellen. En dan zijn er de eenmalige, vreselijke fouten. Zoals de flirt met een goede collega van hem tijdens een bedrijfsuitje. Ze was meer dan een uur met die collega weggebleven, de rest van het gezelschap zat al aan tafel, en ze waren door hem aangetroffen bij het boothuis van het landgoed waar het feest gegeven werd. De collega en zij stonden niet innig verstrengeld, het was meer een soort intiem tegen elkaar aanleunen. Haar hoofd was rood geworden, maar dat had hij niet kunnen zien in het donker. Wat hij wél had opgemerkt was de lichte trilling in haar stem, en dat haar hand met een vluchtig gebaar over haar rok gleed. Later hadden ze het erover gehad, hij en zijn vrouw. Ze had hem bezworen dat er niks gebeurd was, dat ze een bijzonder contact had met de collega, dat het een prettig gesprek was en dat er iets was, ja, dat zou ze niet willen ontkennen. Hij had gezwegen, en gezegd dat het voor hem zo goed was. Zij wist inmiddels beter. Dit incident en nog een paar dingen houdt hij jaren in leven. Heel subtiel. Nooit spreekt hij haar direct aan op haar uitglijders. Maar soms, zomaar lijkt het, brengt hij het in herinnering. Door te verwijzen naar het uitje – de wijn die er gedronken werd, iets wat iemand tijdens een speech had gezegd. In een paar woorden weet hij de pijnlijke herinnering weer op te roepen. Zijn timing lijkt willekeurig. Dat is schijn. Hij zet zijn troeven in op het moment dat hij voelt dat haar interesse in hem afneemt. Dan maakt hij haar attent op haar fouten, duwt haar voorzichtig de relatiebalans – de versie die in zijn voordeel uitpakt – onder haar neus. Zo houdt hij haar nederig en dankbaar. Zij verhoogt onwillekeurig haar inzet, toont zich een bereidwillige vrouw, binnen en buiten de slaapkamer. Hij ondergaat deze onderstreping van hun liefde zacht genietend terwijl hij zich ondertussen al weer heimelijk aan het bezinnen is op nieuwe steken die ze heeft of zal laten vallen, en op manieren waarop hij haar oude misstappen weer zoetjesaan aan de oppervlakte kan krijgen.
|
|
|
|
 |
| |
|
|
FICTIE - BOEKEN - TITELINFORMATIE |
|
|
|
 |
|
|